vrijdag 28 december 2012

100 jaar antroposofie



28.12.1912: Gründung der Anthroposophischen Gesellschaft in Köln mit ca. 3000 Mitgliedern. Im Vorstand: Marie von Sivers, Michael Bauer, Carl Unger. Rudolf Steiner übernimmt keine Ämter, sondern wirkt als Berater und Vortragender. Trennung von der Theosophischen Gesellschaft.
Zu einer befriedigenden und gesunden Lebensgestaltung bedarf die Menschennatur der Erkenntnis und Pflege ihrer eigenen übersinnlichen Wesenheit und der übersinnlichen Wesenheit der aussermenschlichen Welt. …Wahre Geistesforschung und die aus ihr folgende Gesinnung soll der Gesellschaft ihren Charakter geben…:1. Es können in der Gesellschaft alle diejenigen Menschen brüderlich zusammenwirken, welche als Grundlage eines liebevollen Zusammenwirkens ein gemeinsames Geistiges in allen Menschenseelen betrachten, wie auch diese verschieden sein mögen in bezug auf Glauben, Nation, Stand, Geschlecht usw.2. Es soll die Erforschung des in allem Sinnlichen verborgenen Übersinnlichen gefördert und der Verbreitung echter Geisteswissenschaft gedient werden.3. Es soll die Erkenntnis des Wahrheitskernes in den verschiedenen Weltanschauungen der Völker und Zeiten gepflegt werden(Aus: Entwurf der Grundsätze einer Anthroposophischen Gesellschaft 1912)

100 jaar antroposofie
aan het feit dat het vandaag 100 jaar geleden is dat de antroposofie bestaat wordt in de mainstream antroposofische media bijzonder weinig aandacht besteed.
Hugo Verbrugh maakte er zich wel zorgen over Eeuwfeest Antroposofie – een merkwaardig non-event
Michel Gastkemper noemt het ook het: Eeuwfeest en refereert aan Verbrugh.
Er wordt weliswaar genoemd dat de antroposofie dan ontstaat omdat deze zich afscheid van de theosofie vanwege de Krishnamurti-affaire, maar de kern waarom het daarbij ging wordt nauwelijks aangeroerd.
Junko Althaus in haar blog maakt er duidelijk wel opmerkzaam op:

Die Geburt der Anthroposophischen Gesellschaft vor 100 Jahren durch die Erkenntnis über die Wiederkunft Christi im Ätherischen


Junko Althaus is door auteur gerefereerd in dit artikel over de Maya's, waar ze uitspraken doet over de jaren 1930-1945 die zeer nauw aansluiten bij wat Jesaiah Ben Aharon daarover ook heeft meedegedeeld.. Het gaat over de wederkomst van Christus in de etherische wereld. De voorspellende mededelingen van Rudolf Steiner over dit komende feit, waren nu juist in 1912 datgene wat het breekpunt met de theosofen veroorzaakte, de theosofen onder inspiratie van Leadbeater kwamen immers met de voorstelling van een nieuwe incarnatie in het vlees van de persoon Krishnamurti als zijnde de Christus en ook de Maitreya Boeddha.

Het is merkwaardig hoe weinig dit momenteel de aandacht krijgt. Toen Steiner 1861-1911-- 150 jaar geleden geboren was, was dat reden voor extra aandacht. De reden voor deze breuk met de theosofen, die een wereldleraar wilden installeren blijkt echter niet erg in het bewustzijn te leven. Gelukkig heeft Krishnamurti in 1929 (in deze link zijn toespraak gedurende de ontbinding van de ster van het Oosten) zich kunnen bevrijden van al degenen die zijn levensloop en die van alle volgelingen wilden uitstippelen.
Auteur heeft diverse artikelen aan dit thema gewijd. Niet alleen Steiner, maar ook Deunov en Daskalos hadden respectievelijk met deze affaire te maken.
dat-is-het-grootste-geheim-van-ons-tijdperk
daskalos-magier-van-strovolos-
beinsa-douno-peter-deunov-bodhisattva?
mayas-en-het-jaartal-2012-21-december
de-mayas-en-het-nieuwe-tijdperk-2


terug naar inhoudsopgave

maandag 24 december 2012

Doorleef de Kersttijd: van advent t.m. de 13 heilige nachten- Renée Zeylmans


uit Apocalyps Nu! winter 2012

In de kerstnacht kun je het sterkst komen in de verinnerlijking om het tere liefdeslicht van Christus in de eigen ziel te ervaren.

 “Gloria in excelsis Deo et in terra pax”
“Vrede op aarde in mensen die van goeden wille zijn”

Het bewust doorleven van de kersttijd, te beginnen met advent, de vier zondagen voor de Kerst en de dertien heilige nachten vanaf 24/25 december t/m 5/6 drie Koningen op 6 januari, geeft ons de kracht voor het komende jaar.
Tevens is het de voorbereiding voor dat wat de  komende 12 maanden van het nieuwe jaar tot ontplooiing kan komen. De vooruitblik, maar zeer zeker ook de terugblik op de voorbije jaren is belangrijk in de kersttijd. Levensvragen door de nacht meenemen!

Rudolf Steiner zegt dat in de heilige kerstnachten voor ieder mens – onbewust – een ontmoeting met Christus plaats vindt, zoals in het midden van de nachtelijke slaap ieder mens een ontmoeting met zijn engel heeft. (01)

Wat is het dan belangrijk dat we deze tijd niet overdag verslapen. Ik bedoel daarmee, dat onze gedachten, leefwijze overdag bepalend is voor de nacht. Eeuwenlang wist men nog het belang van deze kersttijd., er werden geen zaken gedaan, men keerde in zichzelf en had nog weet van de geboorte en betekenis van het Jezus kind.. Ook wist men nog instinctief dat je in deze periode nieuwe krachten kon ontvangen.
Tevens was er nog een bewustzijn van de betekenis van 6 januari de doop in de Jordaan, de manifestatie van Christus in het fysieke lichaam.
Is het heden ten dage niet meer een uiterlijk feest geworden, met genoegens op materieel gebied?
Ook de natuurwezens zijn zich bewust van deze dagen en wat er in de aarde gebeurt, waar ze deel aan hebben.

Steiner maakt er ons bewust van dat gedurende de twaalf heilige nachten de zaden in de aarde worden bevrucht door de geestelijke krachten van de sterren, waardoor in de lente de planten uit de aarde kunnen ontkiemen. De eigenlijke bevruchting is niet alleen maar de versmelting van de stuifmeelkorrel in het vruchtbeginsel van de stamper, maar de bevruchting van de aarde door de hemel gedurende de 13 heilige nachten. 
Die geestelijke krachten heeft de aardeziel, opgenomen tijdens haar uitademing met midzomer. Met midwinter als de ziel van de aarde ingeademd is, bevruchten deze geestelijke krachten van de planeten de zaadkiemen in de aarde. (02)

Steiner, Maar niet alleen de mens ademt, ook de aarde ademt, hoewel op een andere manier. Wanneer de wintertijd in aantocht is, heeft de aarde met de kersttijd het diepst ingeademd, dan is de aarde ziel geheel in de aarde getrokken. ….de mens beleeft dit inademingsmoment van de aarde mee, wanneer de aarde haar ziel geheel in zichzelf heeft en als alle natuurgeesten uit de aarde kunnen komen en leven met de bomen die nu bedekt zijn met sneeuw, leven met de oppervlakte van de aarde, waar het water bevroren is. Wanneer de aarde zich omhult met koude, dan worden de geestelijke wezens in de aarde actief.
… De natuurkenner zegt wij zaaien het zaad in de aarde, dat overwintert en ontluikt in het voorjaar weer. Dat zou allemaal niet gebeuren, als de natuurgeesten niet de geestelijke kracht van het zaad door de winter heendroegen. De geestelijke wezens, de natuurgeesten zijn het allerwakkerst, als de aarde haar ziel geheel heeft ingeademd gedurende de wintertijd, in de kersttijd. De geboorte van Jezus kan het best begrepen worden door het feit dat deze in de kersttijd, als de aarde haar ziel geheel in zich draagt, heeft plaats gevonden. (03)

Dromen in de 13 Heilige nachten:

Uitermate belangrijk zijn onze dromen tijdens de Heilige nachten, want ze kunnen een voorspellend karakter hebben ten aanzien van de komende 13 heilige nachten . Ze corresponderen nl. met de komende maanden van het nieuwe jaar.(2013) Dus 24/25 december met januari- 25/26 december met februari..etc.. Andere gedachten hierover zijn o.a. dat ze overeenkomen met de astrologische dierenriem: te beginnen met 21 dec (2012). t/m 21 januari (2013) in het teken van de Steenbok, Waterman: 21/1-18/2, Vissen: 19/2-20/3, Ram: 21/3-21-4, Stier: 22/4-21/5, Tweelingen: 22/5-21-6, Kreeft: 22/6-22/7, Leeuw: 23/7-22/8, Maagd: 23/8-22/9, Weegschaal: 23/9-23/10, Schorpioen: 24/10-22/11, Boogschutter: 23/11-21-12. Het hele jaar, maar in het bijzonder in de betreffende astrologische maand, kan deze impuls doorwerken en door de mens tot bloei worden gebracht. De 13e als een synthese voor alle voorgaande nachten. Er zijn nog meerdere theorieën, daar kun je de betreffende litteratuur over raadplegen
Schrijf ze op en noteer vooral welke nacht de droom heeft plaatsgevonden.


De Engel Hierarhiën die in deze nachten zo dicht bij ons zijn

1e Hiërarchie: “De allerhoogste Geesten, die direct om God heen staan, vormen een eigen Hiërarchie”. Werken vanuit het Goddelijk willen:   Seraphim (Serafijnen) “Geesten der liefde” Cherubijnen (Cherubim) “Geesten der harmonie”, Tronen (Tronoi) “Geesten van het willen”.
2e Hiërarchie: “In de sfeer van de Zoon werken zij vanuit het Goddelijk voelen” Kyriotètes (wereldleiders) “Geesten der vrijheid/wijsheid,  ”Dynameis ( Wereldkrachten) Geesten der beweging”, Exousiai (Openbaarders) “Geesten van de vorm”.
3e Hiërarchie: In de sfeer van de Heilige Geest werken zij vanuit het Goddelijke denken.
Archai (Oerkrachten) “Geesten der persoonlijkheid” Archangeloi (Aartsengelen) “Geesten van het vuur” Licht brengend( Volksgeesten). Angeloi (Engelen) “Zonen des levens”, Beschermengelen of Schutsengelen, “Geesten, begeleiders van de innerlijke ontwikkeling van de mens”.

Meditaties voor de Heilige nachten:

Mediteer, spreek de betreffende spreuk op de avond voor de heilige nacht, bij het inslapen.
De volgende dag de kern van de meditatie vormen (terugherinneren) om de in de ziel gelegde kiem tot bewustzijn te brengen. Ook deze  meditatieve meditaties kunnen een profetisch beeld geven die terug herinnerd kunnen worden in de betreffende astrologische maand, maar ook, dat is belangrijk, het hele komende jaar.

Er zijn natuurlijk vele mogelijkheden hoe we ons willen voorbereiden, ik wil de hiernavolgende weergeven. (uit: “Wie denken de mensen dat Ik ben? Roland van Vliet.ISBN 90.6238.713.6 (Uitg. Christofoor) (04).
Over iedere nacht is nog veel meer te zeggen, dit een beknopte weergave, waarvan ik geprobeerd heb de essentie weer te geven. Aanbevolen de volledige tekst te lezen in dit boek.  

24/25 december Meditatieve spreuk:
 “Het licht schijnt in de duisternis”
 De Christusimpuls schenkt in deze heilige nacht  aan de mens in de diepten
 van de ziel die met het lichaam verenigd is, de geboorte van het Christuslicht.

25/26 december  Meditatieve spreuk:                           
  “In Christus draag ik het wereldleed tot zijn genezing”
De Christusimpuls werkt tijdens deze heilige nacht door tot in het etherlichaam. Er is een herinnering aan al het wereldleed v.h. afgelopen jaar. De geboorte van het Christuslicht in de ziel werkt in deze nacht door, tot het etherlichaam, waardoor een milde stemming ontstaat van medelijden om het wereldleed te kunnen dragen. Ook gaat er een  schenkende geneeskrachtige  werking van deze invloed uit.  

26/27 december  Meditatieve spreuk:
  “Christus is de verzoenende kracht van de wereldkosmos”
 De Christusimpuls schenkt in deze nacht aan het astraallichaam de eigenlijke kracht van de vrede, zodat licht en duisternis in de ziel en daarmee ook in het gehele universum met elkaar verzoend kunnen worden.

27/28 december  Meditatieve spreuk:
 “Als ik, ben ik in Christus”
( In de gewaarwordingsziel wordt het lijden ondervonden en het verlangen gewekt hiervan vrij te kunnen worden.)
De Christusimpuls geeft in deze nacht aan het ik van de mens de mogelijkheid om geestelijk zelfstandig en innerlijk vrij te worden van de  oorzaken van het lijden.

28/29 december  Meditatieve spreuk:
“Door de engelen kan mijn karma vrucht dragen, doordat mijn ziel tot wijsheid wordt”
De engelen zijn de mens behulpzaam bij de innerlijke ontwikkeling en geven imaginatie, inspiratie en intuïties als de mens door middel van gebed of meditatie een verbinding met zijn hoger Zelf zoekt. Ook geven  zij het bewustzijn wat de reden zou kunnen zijn voor het karma wat de mens treffen kan. Tijdens deze heilige nacht is het de Christusimpuls die aan de mens de actuele kiem van de Angeloi schenkt als de mogelijkheid om zijn geestelijk bewustwordingsproces te gaan, zijn karma te verstaan het te vereffenen, tot kracht te komen om de hiermee verbonden moeilijkheden te overwinnen en zijn voorgeboortelijke ontwikkelingsimpulsen te herinneren.
 
29/30 december  Meditatieve spreuk:
“De Aartsengelen (Archangeloi) leren mij door wijsheid Gemeenschapsvorming.
De Christusimpuls schenkt de mens tijdens deze nacht de Manaskiem van de Archangeloi, waardoor de mogelijkheid vrijkomt met mensen vanuit een hogere wijsheid in gesprek te treden, geestelijk samen te werken in het tijd- perspectief van de heersende Aartsengel – nu is dat Michaël – en een gevoel  ontwikkelen voor de verschillende kwaliteiten  van de seizoenfeesten waarin die samenwerking steeds anders beleefd kan worden. Zelf ervaren wat je wellicht voor de ander betekende of pijn hebt gedaan-vergeven.

30/31 december  Meditatieve spreuk:
“Door de Archai, is mijn ziel door de geschiedenis van de culturen verrijkt en vergeestelijkt”
De mogelijkheid om door innerlijke ontwikkeling, de in de etherwereld geopenbaarde Christus te schouwen, door bemiddeling van Michaël. De Christus impuls schenkt de mens de Manaskiem van de Archai, waardoor de mogelijkheid vrij komt om de religieuze impuls van onze cultuur-periode uit de geestelijke-goddelijke wereld te ontvangen die een sprong naar een andere ontwikkeling mogelijk maakt. Michaël begeleidt de mens om uit eigen initiatief en denkkracht toegang te vinden tot de geestelijke wereld. Dat in de religieuze impuls van onze tijd waarvan de geesteswetenschap eveneens de uitdrukking is.

31 december / 1 januari  Meditatieve spreuk:
Door de Elohim  kan ik in liefde voor de mensheid scheppen uit het niets”
Exousiai in de levensgeest-ontwikkeling
De boeddhische Christusimpuls schenkt aan de mens in deze nacht de actuele kiem van de Exousiai, die Christus met midzomer Zoroastrisch-Apollinisch ontvangen heeft om de Levensgeest- of Boeddhi-ontwikkeling mogelijk te maken. De Exousiai, de Elohim, de Machten of de Geesten van de vorm hebben wereld en mensheid geschapen. Zij zijn de scheppende geesten pur sang, staan in de scheppende kracht en zien pas achteraf of het goed was. Zij scheppen uit het niets (van het bekende) met de oerbeelden en de de oermaterie. “De Geest zweefde over de wateren”. Doordat de zeven Elohim zich verenigden met de Logos, waren zij tot de schepping van wereld en mensheid in staat. De Elohim hebben de mens zijn Ik-wezen geschonken. Alle hemellichamen in het universum hebben de vorm van de Exousiai, zij zijn het lichaam van de Triniteit als macrokosmisch mens zegt Steiner, doelend op de Triniteit van ons  Zonnestelsel.  
De Christusimpuls schenkt aan de mens in deze nacht de Boeddhi- kiem  van de Elohim om het etherlichaam te kunnen vergeestelijken in de liefde                                                                                                                           die de mensheid omvat en in de scheppende kracht van het beleven en tot stand brengen van kunst. Ook het zelf voortbrengen van idealen uit de geest  uit het niets van het bekende en het hieruit leven, brengt de Levensgeest  voort.
  
Uitspraak van het waterwezen Ecevit (“de Natte”) (05)  : dat de kiem van de Elohim juist wordt geschonken in de nacht van het Oude jaar op het Nieuwe jaar. Met het Oude jaar kunnen we tot “geestherinneren” komen wat de kwaliteit en wezensgeaardheid van het afgelopen jaar was. Voor het Nieuwe jaar  kunnen we tot “geestbezinnen” komen welke waarde we willen  ontwerpen en welke idealen  we willen verwerkelijken. Dat vraagt een zintuigvrij denken, een levend denken dat uit het niets van het bekende van de gewoonten of van de traditie scheppen kan.

1/2 januari  Meditatieve spreuk:                           
Door de Dynamis kan ik vanuit de onbewogenheid van de innerlijke stilte tot de juiste bewogenheid van het medelijden komen.
Dynamis in de Levensgeest-ontwikkeling.
De Christusimpuls schenkt in deze heilige nacht de actuele kiem van de Dynamis aan de mens om een hogere octaaf van de Levensgeest-of Boeddhi-ontwikkeling mogelijk te maken. De Dynamis, de Krachten of  geesten van de Beweging, hebben het astraallichaam van dieren en mensen geschapen. Wat is kenmerkend voor de ziel? Wat is het wezen van de ziel? Dat is beweging. In de ziel word je innerlijk bewogen door de gebeurtenissen in de buitenwereld of door zelfgevormde gedachten. Niets is zo bewegelijk als de ziel; gedachten, gevoelens, en wensen wisselen elkaar in een hoog tempo af.De Dynamis zijn ook de wezens van het medelijden. Medelijden betekent dat je je in vrijheid openstelt om door de ander in de eigen ziel bewogen te worden. Bewogen door medelijden betekent dat je het leed van de ander je eigen leed ervaart. Niets werkt zo geestelijk vormend op het etherlichaam dan de kracht van het mededogen en het medelijden, het innerlijk meeleven uit compassie en het doorlijden van het lijden van de ander. Daarom zijn de  Dynamis ook te begrijpen als de wezens die de mens helpen om Levensgeest in zichzelf te vormen. Als de ziel door medelijden persoonlijk wordt  bewogen, wat Mani de mens leert, dan ondervindt de ziel de grootste loutering, die tot in het etherlichaam doorwerkt.
De Christusimpuls schenkt aan de mens in deze nacht de Boeddhi-kiem van de Dynamis waardoor de zuiverheid van het onbewogen mededogen en de bewogenheid van het werkelijke medelijden kan ontstaan en het etherlichaam vergeestelijkt kan worden.

2/3 januari  Meditatieve spreuk:
Door de Kyriotetes kan de wijsheid in mij als graal tot scheppende                                                                                                                                                                                                       deugd worden in tegenwoordigheid van geest.
De Christusimpuls schenkt in deze nacht de actuele kiem van de Kyriotetes aan de mens om een nog hogere octaaf van de Levensgeest -ontwikkeling mogelijk te maken. De Kyriotetes. De Heerschappijen of de geesten van de wijsheid, hebben het etherlichaam van plant, dier en mens gevormd. Zij worden wel “de wezens van de scheppende jeugd genoemd en zijn wijsheid als uitstromend licht.De Christusimpuls schenkt tijdens deze nacht aan de mens de Boeddhi-kiem van de Kyriotetes, waardoor de Levensgeest als “wijsheid als scheppende deugd”in de mens tot wasdom kan worden. 
3-4 januari  Meditatieve spreuk:
“Door de Tronoi vind ik de kracht om tot de wil van de liefde of de                                                  offerkracht te komen”. Waardoor de Geestmens als wilskracht van de offerende liefde in de mens tot bloei gebracht kan worden.
De Tronen geven aan de mens het voorbeeld hoe de wil van de liefde tot offerkracht wordt.
Na de dood ervaart de mens in de hemelse Saturnussfeer, als het woon oord van de Tronen, het wereldgeheugen van de kosmische wereld- geschiedenis. De Christusimpuls schenkt in de nacht aan de mens de Atma-kiem van de Tronoi waardoor de Geestmens als wilskracht van deofferende liefde in de mens tot bloei gebracht kan worden. 
4-5 januari  Meditatieve spreuk:
  “Door de Cherubim kom ik tot een sociale kunst in het handelen die door het inpassen en het omvormen van het boze in het goede de harmonie  met de gehele wereldkosmos zoekt te bewerkstelligen”.
De Christusimpuls schenkt in deze nacht de actuele kiem van de Cherubim aan de mens om een hoger octaaf van de Geestmens- of Atma mogelijk te maken. De Cherubim of de Geestenvan harmonie geven aan de mens door middel van het karma de mogelijkheid om het eigenleven in harmonie te brengen met de kosmos. Voordat de mens incarneert, laten zij zien hoe de mens in de komende gebeurtenissen van het lot de mogelijkheid verwerft om weer in harmonie met de kosmos te komen. De Christus impuls schenkt tijdens deze nacht aan de mens de Atma-kiem van de Cherubim waardoor de Geestmens in de sociale kunst en de manicheïsche liefde om het boze om te vormen, in de mens tot groei gebracht kan worden.

5-6  januari  Meditatieve spreuk: “Door de Seraphim kan ik alomvattende liefde zijn”
 De Christusimpuls schenkt in deze nacht de actuele kiem Seraphim aan de mens om een nog hogere octaaf van de Geestmens- of Atma-ontwikkeling mogelijk te maken.
 De Seraphim of de Geesten van de Liefde geven aan de  mens de mogelijkheid om de allesomvattende liefde te ervaren en dan om de allesomvattende liefde werkelijk te kunnen zijn. In de wil om in samenklank te zijn met alle wezens en alle individue wilsrichtingen, in het volledige begrip dat ieder in zijn ontwikkeling een bepaalde wilsuiting heeft, kan de volledige liefde in het zijn van het universum beleefd worden. Dit is de hoogste religieuze impuls van de  allesdoordringende en allesomvattende goddelijke liefde. Deze liefde te zijn is Geestmens te zijn.
                                
6 januari is een synthese voor het hele komende jaar.
   
Op 6 januari wordt de Christus tijdens de doop in de Jordaan mens. Christus is gekomen uit de sfeer van de Triniteit, boven de engelenhiërarchieën.
(…) Na dood en opstanding maakt de Christus het mogelijk – ieder moment opnieuw, maar in de dertien heilige nachten in het bijzonder – dat de mens de Goddelijke kiemen van de engelenhiërarchieën  in zich verwerkelijken kan om daardoor de Christus als de hogere samenvatting van deze engelenhiërarchiën in zich op te nemen, met de mogelijkheid hierdoor  het pinkstervuur te ontvangen  en te verwerkelijken, om daardoor een mens van de tiende hiërarhie van Vrijheid en Liefde te kunnen worden. Daarvoor worden heden de kiemen gelegd! (06)

God is liefde en wie in de liefde blijft,
die blijft in God en God in hem.  (1.Joh. 4:16)

Tot slot Rudolf Steiner op de avond voor de kerstnacht 1912
Steiner verwoordt het als volgt: In deze kerstnacht zou er in onze ziel binnen moeten stromen het diep-menselijk gevoel van liefde,  het gevoel dat tegenover alle andere krachten, machten en goederen der wereld, het goed, de kracht en de  macht der liefde het grootste, het krachtigste, het werkzaamste is, In het hart, in de ziel, zou het diepe gevoel moeten ontstaan, dat wijsheid groots is, maar de liefde nog groter is. En zo sterk zou het gevoel van de macht, de kracht en sterkte der liefde in onze harten moeten worden, dat er vanuit deze (alle) Kerstnachten iets kan overvloeien in al onze gevoelens gedurende de rest van het jaar, zodat we het gevoel moeten hebben: we moesten ons eigenlijk schamen, als we op een zeker moment iets zouden doen, wat niet bestaan mag, als we in de geest opzien naar die nacht, waarin we de almacht der liefde in onze harten gevoelden. Mogen alle momenten in het jaar zo verlopen, dat we ons niet hoeven te schamen voor het gevoel, dat in de kerstnacht door onze zielen stroomden.

(…) Het hoogste in de hele wereld is de liefde; dat wijsheid groots is, waard om na te streven, dat zonder wijsheid de mensheid niet bestaan kan, maar dat liefde iets veel groters is. Diegene voelt eerst juist de Christus-impuls aan, die ook het hogere der liefde tegenover de macht, de sterkte en de wijsheid kan voelen, dat macht en kracht waardoor de wereld in stand wordt gehouden, iets groots is   

  (…)Zo gebeurt het in de kerstnacht, als onze gedachten zich richten op de geboorte van het kind Jezus, opdat in onze ziel in iedere Kerstnacht, door op te zien naar deze geboorte, het begrip geboren kan worden van echte, ware liefde, een liefde die boven alles uitstijgt. En als op de juiste wijze in de Kerstnacht begrip ontstaat voor deze liefde, als we de geboorte vanChristus vieren: het ontwaken der liefde-, dan kan van elk ogenblik, dat we beleven, iets uitstralen, dat  we nodig hebben voor ons leven, opdat rijk gezegend mag worden, wat we elk moment aan wijsheid rijker worden.(…) Mogen wij ons verbonden voelen met het spirituele, waarnaar we in de Kerstnacht verlangen, als naar de impuls, die dat brengen kan, waarnaar we als een hoog ideaal streven. En als we ons in zulk een liefde verenigd weten, zodat ze binnenstromen kan uit een juist begrip voor de Kerstnacht, dan zullen we bereiken, wat bereikt kan worden, door onze Antroposofische Vereniging, door ons Antroposofisch ideaal. We zullen, hetgeen bereikt moet worden, door samenwerking moeten bereiken, als een straal van de liefde van mens tot mens bezit van ons neemt, waarover we onderricht kunnen worden, als we ons op de juiste wijze wijden aan de betekenis van de Kerstnacht.(…)Wanneer de Christus-impuls, waaraan de kerstnacht ons op zo’n mooie wijze herinnert, met steeds grotere sterkte en macht met steeds dieper inzicht in de mensheidsontwikkeling zal ingrijpen. Dit zal immers alleen kunnen plaats vinden, als er zielen zijn, die deze impuls in zijn volle betekenis begrijpen. Tot begrip hiervan behoort ook op dit gebied de liefde, die we als het mooiste in de mensheidsontwikkeling juist dan in onze ziel tevoorschijn kunnen roepen, als we op deze avond of in deze nacht onze harten vervuld doen zijn van het kind Jezus, dat van de overige mensheid verstoten, geboren in een stal, ons zinnebeeldig voor ogen wordt gesteld: zo als het ware ‘van buitenaf’ in de mensheidsontwikkeling binnenkomend, aangenomen door de eenvoudigsten van geest, door de arme herders. Als we datgene, wat van dit beeld als liefde-impuls uitgaat, in onze ziel kunnen doen ontbranden, dan zullen we kracht ontvangen voor dat, wat we willen volbrengen en ook moeten volbrengen, om een bijdrage te leveren tot het bevorderen van de taak, die we ons gesteld hebben en die ons op antroposofische gebied het karma als diepe en essentiële taak heeft opgeleverd. (07)

Grondsteenspreuk

In de Kersttijd en wel op de ochtend van 25 december 1923 sprak Rudolf Steiner voor het eerst de grondsteenspreuk voor de Nieuwe Antroposofische vereniging en de aanwezige leden namen die in hun hart op.
Daarmee was de geestelijke grondslag voor de nieuwe Antroposofische vereniging gelegd.
Van diepe betekenis dat dit juist in de kersttijd plaatsvond!
Het laatste deel hier nu weergegeven: 



Op het keerpunt der tijden

Trad het kosmisch geesteslicht

De aardse wezensstroom binnen;

Duisternis van de nacht
Heerste niet meer;
Daghelder licht
Straalde op in mensenzielen;
Licht dat
Arme herdersharten
Verwarmt:;
Licht dat
Wijze koningshoofden
Verlicht. 
Goddelijk licht,
Christus zon,
Verwarm
Onze harten;
Verlicht
Onze hoofden;
Opdat goed worde,
Wat wij
Vanuit ons hart grondvesten,
Vanuit ons hoofd
Doelbewust willen leiden.


01). (Bausteine einer Erkenntnis des Mysterums von Golgotha GA 170)
02). (‘GA. 127.  Die Mission der neuen Geistesoffenbarung. Das Christus-Ereignis als Mittelpunktsgeschehen der Erdenevolution)
03)(GA. 226 . Mens, lot en Wereldontwikkeling)
04)  (uit: “Wie denken de mensen dat Ik ben? Roland van Vliet.ISBN90.6238.713.6 (Uitg. Christofoor)
05) (uit: “Wat de natuurwezens ons te zeggen hebben”) 
06) (Roland van Vliet)  
07) GA 143 Rudolf Steiner , Berlijn 24 december 1912.  Die Geburt des Erdenlichtes aus der Finsternis der Weihenacht   (Nederlands: De geboorte van het aardelicht uit de duisternis van de kerstnacht.)

bron
                                                                                         


terug naar inhoudsopgave

De Maya’s en het nieuwe tijdperk (2)


uit Apoalyps Nu! winter 2012

De Maya’s en het jaartal 2012, (21 december) deel 2

En in het verloop van deze 20e eeuw, wanneer de eerste 100 jaar na het einde van het Kali Yuga zal zijn afgelopen, staat de mens of aan het graf van alle civilisatie of bij het begin van dat tijdperk, waarin de zielen van de mensen, die in hun hart intelligentie met spiritualiteit verbinden, de Michael-strijd ten gunste van de Michael-impuls wordt uitgevochten. (46)

Korte samenvatting vorig artikel. (01)
We leven in een tijd waarin we bemerken dat er heel diverse verwachtingspatronen zijn op grond van diverse voorspellingen en profetieën voor wat betreft er in de naaste toekomst zou kunnen gaan gebeuren.
In het tijdvak 1998-2016 vindt er een belangrijke kosmische constellatie plaats. Zon en aarde bevinden zich dan ten tijde van de winterzonnewende (21 december) op een lijn met het hart van de melkweg, een situatie die pas weer terugkeert nadat de aarde een precessiecyclus van 25920 jaar heeft voltooid, De Maya’s berekenen het einde van een oude cyclus en het begin van een nieuwe precies op de datum van de 21e december 2012. Volgens Steiner komt de precessieperiode van 25920 jaar van een macrokosmos mens overeen met de gemiddeld 72 jaar die de microkosmos mens oud wordt. In het ritme van ademhaling, waken en slapen, leven en dood toont zich de overeenkomst tussen makro- en microkosmos. (01)
De periode waarover de Maya’s en andere indiaanse volkeren spreken die loopt van 3114 V.Chr. tot 2012 na Chr. komt zeer overeen met de periode van het zogenaamde duistere tijdperk of kali yuga wat beschreven word als het tijdvak van 3101 v.Chr. tot 1899 na Christus. (02)
Steiner spreekt over een periode van voorbereiding van minstens 100 jaar (46) na het einde van het kali yuga, waarin de duistere krachten en de lichte krachten strijd moeten leveren. Wat betekent dat na de eerste dageraad van het nieuwe tijdperk het zal afhangen van de strijdlust en de wakkerheid van de mensen of dat lichte tijdperk ook daadwerkelijk kan doorbreken.
Een Maya sjamaan Carlos Barrios (01) heeft het over het belang van de nieuwe komende etherkrachten, die gerelateerd worden aan een nieuwe zonnefase. Deze etherkrachten kunnen stimulerend inwerken op moraliteit en bewustzijn van de mensheid. De sjamaan houdt ook rekening met de oude materialistische krachten, die het nieuwe wat zich aandient geen kans willen geven. (01)
Steiner begon in 1909/1910 er op te wijzen dat het duistere tijdperk kali yuga afgelopen was en dat er een nieuw licht tijdperk aan het aanbreken was. De centrale gebeurtenis daarin zou de wederkomst van Christus zijn in de etherwereld en daarmee tevens een belangrijke mijlpaal in de zonwording van de aarde, zoals deze al sinds het Mysterie van Golgotha gaande was. Dat heeft alles te maken met het manifest worden van nieuwe christelijke etherkrachten in de aardesfeer. (03)
Hij attendeerde er ook herhaaldelijk op dat er tegenkrachten zijn die er alles aan willen doen om dit te verhinderen c.q. dit niet bewust te laten worden bij de mensheid.. Het nieuwe lichte tijdperk zou niet zonder slag en stoot plotseling aanbreken. Voor de antroposofie als geesteswetenschap zag Steiner een belangrijke rol weggelegd om dit tijdperk te helpen voorbereiden.
M.i.v. het jaar 1998 en het begin van de 21e eeuw verwachtte hij nieuwe spirituele openbaringen, die veel sterker zouden zijn dan de eerste golf in de 20e eeuw. Of deze daadwerkelijk kunnen doorbreken is afhankelijk van de verworven vrijheid van de mens(heid).
Dit tweede deel zal veel minder gaan over de Maya’s en het jaartal 2012, maar veel meer over de aard van het nieuwe lichte tijdperk zoals de antroposofie deze beschrijft gezien door de ogen van de auteur.

Voorbereidingen.
Inhet eerste deel (01) van deze verhandelingen over de Maya’s en het jaartal 2012 (en ook hierboven in het kort) is reeds opmerkzaam gemaakt op de periode van het kali yuga, zijnde het duistere tijdperk (3101 v.Chr.- 1899 na Chr.) Deze periode is door de geestelijke wereld o.a. zo voorbereid en voorbestemd om de mensheid de gelegenheid te geven om zich te emanciperen van de geestelijke wereld en daardoor er ook vrij van te worden De mens loopt niet meer aan de leiband van geestelijke wezens, maar leert zelfstandig te worden. De periode van geestelijke duisternis was daarvoor nodig en het materialisme en de verloochening van de geestelijke wereld is daarbij een begeleidend verschijnsel. Nu na het aflopen van het kali yuga hebben we nog steeds te maken met de na-ijlende gevolgen daarvan. In het vorige artikel beschreven als de voortrollende bal.(01) Als een grote oceaanstomer van richting wil veranderen, gaat hij de eerste tijd toch nog even door in de oude koers vanwege de kinetische kracht die het gevaarte eerder aandreef. Het duistere tijdperk is metaforisch ook zo’n gevaarte.
Voor het einde van het kali yuga vond in de geestelijke wereld de strijd van Michael en zijn engelen tegen de duistere geesten (dit worden de gevallen engelen) plaats (1841- 1879). Eerst door deze overwinning van Michael en zijn scharen werd het mogelijk, dat eerste lichtstralen van het nieuwe lichte tijdperk op aarde konden komen. Immers de wezens die het licht probeerden tegen te houden in de geestelijke wereld waren daaruit nu zelf verdreven en dus hun macht kwijt om vanuit die sfeer nog het doorbrekende licht tegen te houden.(04)
Tegelijkertijd vond in de geestelijke wereld ook plaats wat Steiner het 2e Mysterie van Golgotha noemt. (dit is echter ook een doorlopend proces) Door het materialisme dat de gestorven mensen na hun dood meenamen naar de geestelijke wereld werd deze sfeer verduisterd en het geestelijke wezen waar op dat moment (net als destijds met Jezus van Nazareth) Christus zich mee verbonden had, maakte een soort verstikkingsdood door. Volgens Steiner resulteert dat erin dat dit Christusbewustzijn dat uit de geestelijke wereld verdreven is, een opstanding kan beleven in het bewustzijn van de mensheid te beginnen in de 20e eeuw. (05)

En dankzij de inspanningen van deze door de poort van de dood gegane zielen is men er in geslaagd, de Christus, we kunnen niet anders zeggen als: te verdrijven uit de geestelijke wereld. En de Christus moest een vernieuwing van het Mysterie van Golgotha beleven, maar niet in dezelfde omvang als het voorgaande. Destijds ging hij door de dood, nu was er een uitgestoten worden van zijn Zijn in de geestelijke wereld. En daardoor vervulde zich aan hem de eeuwige wet van de geestelijke wereld. Wat in de hogere geestelijke wereld verdwijnt, dat ontstaat opnieuw in de lagere wereld. Als het in de 20e eeuw mogelijk is, dat de zielen zich kunnen opwerken tot het begrip van het Mysterie van Golgotha, dan komt dat door deze gebeurtenis, dat de Christus door een samenzwering van de materialistische zielen verdreven is uit de geestelijke werelden, verplaatst werd in de zintuiglijke wereld, in de mensenwereld, zo dat ook in deze zintuiglijke wereld een nieuw begrip kan ontstaan voor de Christus. (05)

Er kan pas sprake van een opstandingproces zijn als er een doodsproces aan vooraf gegaan is. De voorbereidingen bestaan dus o.a. daarin, dat eerst de geestelijke wereld zelf bevrijd wordt van verduisterende machten voordat dit ook op aards nivo kan gebeuren. Zo is al eerder aangegeven, dat 1917 op aarde een soort spiegeling was (en de spiegelas was het jaar 1879), van het jaar 1841 toen in de geestelijke wereld de strijd in de hemel volgens Steiner begon.

Spiegelingen.
Steiner heeft het dus over een belangrijke gebeurtenis in de mensheid, die zich t.o.v. een bepaald belangrijk jaar (gerepresenteerd als de spiegelas) spiegelt. Dit soort dingen kan alleen door geestelijk onderzoek gevonden worden en niet door verstandelijk denken. Daarom bij het volgende ook het voorbehoud, dat dit wel door de auteur zelf beredeneerd is. Dit is belangrijk om op te merken omdat er ook volop gespeculeerd is m.b.t. deze thema’s. Bijvoorbeeld de auteur Robert Powell bezondigt zich daar aan in een aantal van zijn boeken.(06) Onderstaande dus nu slechts als hypothese van de auteur.
Het jaar 1933 is ook een dergelijk belangrijk jaar, aangegeven als zijnde de eerste openbaring van Christus in de etherische wereld. (07) Als het jaar van de overwinning van Michael en de val van de engelen 1879 gespiegeld wordt aan het jaartal 1933, dan komen we uit op het jaar 1987. Dit jaar wordt door de Maya’s beschreven als het jaar van de harmonische convergentie (08). Barrios en veel andere Maya’s leggen de nadruk op deze voor hen zo belangrijke datum.(01)

Aan het jaar 1841 knoopt Steiner nog een andere tijdsaanduiding zoals deze in de apokalypse van Johannes te vinden is.

Bij het begin van deze veertiger jaren (1840) begint de zesde bazuinengel te blazen, en hij zal blazen, tot aan het eind van de 20e eeuw die gebeurtenissen optreden, waar ik gisteren over gesproken heb (10) (16-9-1924), als de zevende bazuinengel begint te blazen. We bevinden ons eigenlijk al in het gebied der weeën. (09)

Met het jaar 1998 ziet Steiner de tijd aanbreken (in de 20e eeuw leven we in het tijdperk dat de naam Sardes heeft) waar de engel de 7e bazuin begint te blazen, waarmee we intreden in het gebied van de apocalyptische geboorteweeën.

Een andere spiegeling die Steiner noemt en die belangrijk is om het wordende lichte tijdperk te begrijpen is het volgende:
Voor Christus hebben patriarchen zoals Abraham, Mozes en Salomo de komst van Christus helpen voorbereiden. (11) Dezelfde personen in hun nieuwe incarnaties zullen nu na Christus weer optreden om begrip voor het Christusgebeuren te helpen krijgen. De spiegelas hier is dus het jaar 33.
Het is geen exacte spiegeling wat betreft gebeurtenissen. Bijvoorbeeld Abraham (~2038 voor Chr.) voerde de mensen destijds van de laatste resten van overgebleven helderziendheid naar een bewustzijn dat aan de fysieke hersenen gebonden was, daarmee voortzettend wat sinds het begin van het kali yuga al ingezet was. In onze tijd, nadat de spiegeling van het Mozes en Salomo-tijdperk al achter ons liggen is het Abraham-tijdperk aangebroken die richting geeft aan het streven om van hersenbewustzijn weer tot lichaamsvrij helderziend bewustzijn te komen. (11). Een nieuwe etherische helderziendheid waarvan de bron de Christus zelf is. Een merkwaardig feit is verder dat de 3 godsdiensten die Abraham tot hun gezamenlijke voorvader rekenen, de Joden, Moslims en de Christenen momenteel in onderling vijandschap met elkaar leven. De verzoening in een nieuwe broederschap kan gezien worden als een taak voor Abraham.

Maar nu zijn we op weg naar de herinnering en de heropleving van het Abrahamitische tijdperk, maar zodanig dat mensen weggevoerd worden uit de onze zintuigen toegankelijke wereld. De geest van Abraham zal onze kennis dusdanig beïnvloeden, dat de mensen zullen afzien van hun alleen geldende achting voor de fysieke wereld. En in omgekeerde volgorde als het geval was met Abraham, toen de Geest, toen God alleen maar in de fysieke wereld te vinden was, zullen de mensen nu boven de fysieke wereld uitgroeien en binnengroeien in de geestelijke wereld. (12)

Nog een spiegeling.
Destijds bij het begin van het kali yuga trad de schemering in, de helderziende vermogens van de mensheid, zoals hier al eerder genoemd namen steeds meer af.. (01) Na het eind van het duistere tijdperk treedt een omkering van die verhoudingen op. Destijds een schemering in 3101 v.Chr. een invallend bewustzijnsduister en nu een dageraad met het eerste licht stralend vanachter de bewustzijnshorizon vanaf het jaar 1899. Zoals eerder gerefereerd: ”de bal van het kali yuga rolt nog een poos verder, maar de stootkracht is verminderd”  en ..’dat de eerste stralen van het lichte tijdperk door de antroposofie opgevangen moeten worden’.(01+13)
Rudolf Steiner vertelt nog wat uitgebreider over het dramatische begin van het duistere tijdperk.

Het Kali Yuga is aangebroken. We weten, dat juist in onze tijd het Kali Yuga geëindigd is, en dat we nu de weg opwaarts moeten vinden in de geestelijke wereld en dat er juist daarom een geesteswetenschap is! Want, zoals het Kali Yuga in het jaar 3101 voor onze tijdrekening begonnen is, zo is het geëindigd in 1899. Daarom is 1899 een belangrijk jaar, daarom moeten de mensen hun toekomstideaal zo opvatten, dat ze weer moeten opstijgen naar de geestelijke werelden. Het tijdperk dat aan het Kali Yuga voorafging, was echter ook dat, dat karakteristiek is voor de oer-perzische tijd, waar men door het astraallichaam nog de oude herinneringen kon ondervinden. Nu echter moest men zich naar buiten wenden. Dat was een geweldige overgang. Die voltrok zich bij veel mensen zo, dat ze een tijdlang helemaal niets zagen, dat duisternis door de menselijke ontwikkelingskrachten zich uitbreidde over de mensenzielen. Niet gedurende lange tijd, maar inderdaad slechts gedurende weken duurde deze verduistering, deze slaaptoestand, die de mensen doorgemaakt hebben. Maar ze maken echter deze slaaptoestand door, en velen werden daaruit niet meer wakker. Velen gingen daarbij te gronde, en slechts weinigen bleven achter op verschillende plekken van de aarde. Op dit moment is er te weinig tijd om te schetsen, wat voor toestanden daar optraden. In het kort kan gezegd worden, dat de toestanden daardoor, dat een groot aantal mensen te gronde ging, zeer, zeer akelig waren, en slechts op enkele plekken van de aarde ontwaakten de mensen weer uit de grote geestelijke vloed, die zich als een slaap over de zielen uitgebreid had. En deze slaaptoestand ondervonden de meeste zielen als een verdrinken- en slechts weinigen als een vooruitgang. Toen kwam nu juist het zwarte tijdperk, het godloze tijdperk. (14)

Het intreden van het kali yuga ging dus volgens Steiner vergezeld van dramatische toestanden, wekenlang heerste er een bewustzijnsverduistering, wat als een verdrinken ervaren werd, veel mensen kwamen ook niet meer bij uit deze comateuze toestand en stierven..(14)
Maar als Christus 3000 jaar na dat tijdstip niet gekomen was, was het de mensheid nog veel slechter vergaan. Door Christus komst op aarde en het Mysterie van Golgotha in het jaar 33 werd er een kiem gelegd waardoor nu 2000 jaar later en na het eind van het kali yuga weer een opgaande ontwikkeling ingezet kan worden.

Als er in onze tijd ruim 100 jaar na afloop van het kali yuga een letterlijke spiegeling van het begin van het kali yuga zou optreden, een omgekeerde bewustzijnsvloed, dan zou dat overeenkomen met veel voorspellingen gedaan in de 2012 sfeer dat er een collectieve bewustzijnsverandering aan zou komen, een ontwaken uit een 5000 jaar durende bewustzijnsslaap, dat zou evengoed een dramatische gebeurtenis zijn. Het zal niet voor niets zijn dat Jesaiah Ben Aharon naast de hoofdtitel De nieuwe ervaring van het bovenzinnelijke- de bijtitelhet antroposofische kennisdrama van de Wederkomst_, genoemd heeft.(15). Na de dageraad komt er een tijd dat de zon boven de horizon uitkomt en een echte zonsopkomst wordt. Steeds echter hangt het er weer van af of de mensen in staat zijn wakker te worden.

Of dit dan mogelijk zou kunnen samenhangen met een periode van verduistering van 3 dagen lang, dat steeds weer genoemd wordt in de voorspellingen, daar wordt hier onder nader op ingegaan.

Duisternis in gradaties.


In de ontwikkeling van de mensheid neemt slaap/duisternis een belangrijke plaats in. Steeds als er grote veranderingen ingezet worden treedt het op. Adam als androgyne mens verviel in een diepe slaap opdat Eva uit hem verwekt kon worden. (16) Men kende vroeger de tempelslaap en de inwijdingsslaap.. Het kali yuga begint met bewustzijnsslaap en duisternis. Tijdens het Mysterie van Golgotha bij de dood aan het kruis treedt er een 3 uur durende verduistering op, die niet toe te schrijven is aan de maan die voor de zon staat. Steiner heeft het vanuit occult schouwen over het jaartal 3 april 33. Dit tijdstip kan men tegenwoordig ook met een paascalculator vinden. (17) De wetenschap bevestigt dat er toen geen klassieke zonsverduistering plaats vond
Saulus heeft zijn ervaring voor Damaskus en wordt daarmee Paulus, het is een lichtervaring, maar fysiek wordt hij 3 dagen blind, 3 dagen persoonlijke verduistering.

Wat Paulus voor Damaskus beleefde en wat voor hem een persoonlijke ervaring was, dat zal voor een bepaald aantal mensen een algemene ervaring worden. De betekenis, die deze gebeurtenis in de 20e eeuw zal hebben, kan men aan het volgende herkennen. Paulus kon door alles, dat er in Palestina gebeurd was, weten, zonder dat dit uit een Saulus een Paulus maken kon. Zijn zielstoestand was zodanig, dat hij er niet van overtuigd kon worden, dat in de Nazarener de Christus leeft. Pas de gebeurtenis van Damaskus vertelde zijn helderziende bewustzijn hem: de Christus is aanwezig. De mensen, die in de 20e eeuw het gebeuren van Damaskus zullen hebben beleefd, zullen het directe weten van de Christus krijgen, ze zullen het niet nodig hebben, zich op documenten te baseren, om de Christus te kennen, maar ze zullen het directe weten hebben, zoals tegenwoordig alleen de ingewijde het heeft. Alle vermogens, die nu middels de inwijding verworven worden, zullen in de toekomst algemene vermogens van de mensheid zijn. Deze toestand van de ziel, dit zielsbeleven, wordt in het occultisme de wederkomst van Christus genoemd. De Christus zal niet weer in een fysiek lichaam incarneren, maar hij zal in een etherlichaam verschijnen, zoals op de weg naar Damaskus. (18)
Want in het vlees (fysiek lichaam) zal de Christus niet meer terug komen. Toch moeten we spreken van een nieuwe relatie van de mensen met de Christus. Waarom? Omdat dat tijdperk, dat wij het duistere noemen, het Kali Yuga, juist in onze tijd is afgelopen met het einde van de 19e eeuw, en omdat met het begin van de 20e eeuw een nieuw tijdperk begint, waarin zich nieuwe vermogens van de mensen voorbereiden, zulke vermogens, die in het duistere tijdperk verloren gegaan zijn. Langzamerhand bereiden zich nieuwe vermogens voor. In dergelijke mate zullen zich nieuwe vermogens voorbereiden, dat er enkele mensen zullen zijn, die deze als een natuurlijke aanleg zullen hebben. Deze vermogens zullen zich bij een aantal mensen in het bijzonder tonen tussen de jaren 1930 en 1940, en door deze nieuwe vermogens zullen nieuwe relaties tot de Christus bij een aantal mensen intreden. (19)

Tot nog toe zijn er individuele mensen die dit ervaren hebben. Van groepen mensen die deze ervaring collectief hadden of hebben is weinig of niets bekend. Maar het is een mogelijkheid, zoals de apostelen het pinksterbeleven gemeenschappelijk meemaakten dat veel verwantschap heeft met het Saulus-Paulus beleven, dat het ook mogelijk is voor mensen in onze tijd. Een algemeen vermogen van de mensheid.
Zoiets als een collectieve pinksterervaring tijdens de tweede wereldoorlog wordt beschreven in het boek: Sigwart, bericht uit het leven na de dood. (65) Steiner spreekt over een komend Wereld-Pinksteren.

Volgens Steiner was er in het jaar 1250 (GA 130, 29-1-1911) iets heel bijzonders aan de hand. Rond die tijd dus ook al in het kali yuga waar er geen of nauwelijks helderziendheid meer was, trad nu ook in dat zelfs hoog ingewijde mensen dit helderziende vermogen niet meer konden gebruiken. E.e.a. hangt ook samen met de stand van de aardas zoals die op dat moment t.o.v. de kosmos was.(20) Rond die tijd vind er ook een bijzondere inwijding plaats van Christian Rosenkreutz. (21) Deze verwerft vermogens die het hem mogelijk maken om niet alleen esoterische leerlingen van hem, maar ook exoterisch, (dus algemeen menselijk) mensen te kunnen helpen om Christus in zijn etherische lichaam te schouwen, wat een opgave wordt in de 20e eeuw. (21) Dit wordt hier nu alleen maar aangehaald om te attenderen op nog een intensere periode van duisternis binnen het grotere kali yuga tijdperk, maar nu zelfs intredend voor hoge ingewijden. Christian Rosenkreutz bereikt in deze periode een des te grotere verlichting. De hierna te verwerven helderziendheid onderscheid zich van alles wat daarvoor bestond. Uiteraard is over Christian Rosenkreutz nog veel en veel meer te vertellen wat betreft zijn rol in het esoterische Christendom.(22)

Morgenrood.


Eerder is de aandacht al gevestigd op uitspraken van Steiner over de komst van een nieuw licht tijdperk, die hij tussen de jaren 30 en 40 in allereerste kiemtoestand zag aanbreken. Ook voorzag hij welk een geweldige oppositie er van de duistere krachten zou komen om e.e.a. onbemerkt aan de mensen voorbij te laten gaan, vooral in de jaren dertig en tegen het eind van de 20e eeuw. (23)
We zijn nu 100 jaar verder, het materialisme viert nog steeds hoogtij, maar er komen ook steeds meer barsten in de muren, die het licht buiten en het duister binnen willen houden. Van een echte zonsopgang van het lichte tijdperk kan echter nog steeds niet gesproken worden. Steiner spreekt ook in termen van gradaties van nieuwe spirituele openbaringen in de 20e en 21e eeuw. Ten eerste het in de openbaarheid treden van zoiets als  Antroposofia, de geesteswetenschap zelf, die begint een fundament aan te leggen om het spirituele bouwwerk verder op te kunnen uitbouwen. In het vorige artikel als de derde roep uit de geestelijke wereld gekarakteriseerd. (01)
In 1914 breekt de 1e wereldoorlog uit. Als boven al aangeduid is dat een spiegeling van het jaar 1841, waar de strijd in de hemel begon. Op aards nivo krijgen demonen de kans in te grijpen in de historie o.a. door de bewustzijnsverduistering van 40 toonaangevende militaire en politieke leiders. (24)
De aankondigingen van het morgenrood na de dageraad van het kali yuga van de eerste nieuwe Christus openbaringen in de levenswereld omstreeks de jaren 30-40.

In het boek van Jesaiah Ben Aharon (27), De spirituele gebeurtenis van de 20e eeuw, beschrijft de auteur zowel de licht- als de diepe duisterniszijde zoals hij deze in een imaginatie beleefd heeft aangaande de wederkomst van Christus in de etherische wereld enerzijds en het opkomen van het boze anderzijds. In het boekje zelf is na te lezen hoe de gehele imaginatie is opgebouwd. Hierop gelijkend is de ervaring van een Japanse vrouw die in Europa leeft (Junko Althaus), ze schrijft in haar blog:

Weliswaar is de verduistering van het bewustzijn van het Duitse volk door het doelbewust inzetten van Hitlers machten. het financiële middel en de magische handelingen uiterlijk geslaagd, maar toch kon niemand de doorbraak van Christus in het etherische op dat tijdstip tussen 1930-1945 verhinderen. Zoals Rudolf Steiner voorzegde, vond toen de bewustzijnsverandering van de mensheid door de inwerking van Christus plaats. Midden in de verschrikkelijke oorlog, waar het –ik- van de mensen wereldwijd in een onbeschrijfelijke onmacht een duisternis beleefde die er nog niet eerder geweest was, werd het geestelijke gordijn dat tot die tijd de mensen, die geen ingewijden waren, van de realiteit van de etherische wereld waarin de Christus zich openbaart scheidde voor altijd gescheurd.
[…….]
Het mensheids-ik stortte in een totale duisternis in de oorlog – zo diep, dat dat -ik- op menselijke wijze de innerlijke dood beleefde. Het was juist ook het moment, waarop het begon, dat de Christus in het etherische ook door de mensen, die geen spirituele voorbereidingen hebben zoals geschoolde ingewijden die bezitten, spontaan gezien en beleefd kan worden.
[……]
Nog tijdens de tweede wereldoorlog gebeurde er iets belangrijks in de bovenzinnelijke wereld. Het mensheids-bewustzijn was zo sterk verduisterd op de aarde. De ziel van de mensheid beleefde een bijna volledige verduistering en bevond zich in een nog niet eerder beleefde onmacht. Op dit geestelijk-ziele nulpunt van volledige vertwijfeling van het -ik- van de mensheid, die door de wederzijdse eindeloze slachting in de hele wereld werd veroorzaakt door het inzetten van de nieuwste intelligentste techniek. De samenhang van de mensheid in het mensheids-ik werd op de intensiefste wijze aangevallen, terwijl de mensen door fanatieke en eenzijdige ideologieën de ware dimensie van een mensheid volledig vergaten.
[……]
In deze volledige verduistering heeft een gebeurtenis plaatsgevonden: het wereldgordijn dat de mensheid nog geheel scheidde van de Christus, werd middendoor gescheurd. Dat gebeurde, toen het hart van de mensheid in deze wreed woedende oorlog sterk verduisterd werd. Er was een schreeuw van het mensheidsbewustzijn te horen, die bovenzinnelijk het kosmische mensheidsbewustzijn op een gewelddadige manier doorgalmde. Een schreeuw, die door een onbeschrijfelijk pijnlijke geestelijke geboorte veroorzaakt werd, die de Christus van binnenuit geheel meebeleefde. En achter dit gescheurde tempelkleed openbaarde zich de Christus in zijn ethergedaante, die de oneindige liefde deed uitstromen, nog gedurende die verschrikkelijke wereldoorlog. Uit een volledig geestelijke onmacht ontwaakte het mensheids-ik tot een nieuw tijdperk in het nabijzijn van Christus.(25)

Het bovenstaande kan misschien gezien worden in het licht van onderstaand citaat van Steiner uit 1918.

Historische symptomatologie.Het mysterie van het boze in het 5e cultuurtijdperk.Nu, als de Christus wederom in het etherische zal verschijnen, als wederom een soort van Mysterie van Golgotha zal worden beleefd, nu zal het boze een vergelijkbare betekenis hebben als geboorte en dood in het 4e na-atlantische tijdperk. In het 4e na-atlantische tijdperk ontwikkelde de Christus zijn impuls voor de aardemensheid vanuit de dood. En men mag zeggen: uit de gevolgde dood ontstond datgene, wat in de mensheid instroomde. Zo zal vanuit het boze op een bijzondere, paradoxale manier de mensheid van het 5e na-atlantische tijdperk tot de vernieuwing van het mysterie van Golgotha worden gevoerd. Door het beleven van het boze wordt tot stand gebracht, dat de Christus weer verschijnen kan, zoals hij door de dood in het 4e tijdperk verschenen is. (26)

De beschrijvingvan Dagmar uit 1944 die hier nauw mee samen lijkt te hangen is te lezen op deze website (65).

Dan wordt tegen het einde van de 20e eeuw een nieuwe werkzaamheid van Christus manifest. Hij wordt Heer van het Karma. Christus gaat zich met het persoonlijke karma van mensen bezighouden en wel op een dergelijke manier dat wat mensen onderling karmisch te vereffenen hebben vanwege hun verleden zo gemetamorfoseerd wordt, dat het zoveel mogelijk andere mensen ook ten goede kan komen.(28)

Waardoor komt het dan eigenlijk, dat vanaf de 20e eeuw de Christus Jezus steeds meer zal intreden in het gewone bewustzijn van de mensen? - Dat heeft de volgende reden. Net zo als op het fysieke plan in het begin van onze tijdrekening in Palestina een gebeurtenis zich afgespeeld heeft, waarin de Christus de wezenlijkste rol speelde, een gebeurtenis, die betekenis heeft voor de gehele mensheid, zo zal in de loop van de 20e eeuw, tegen het einde van de 20e eeuw, weer een belangrijke gebeurtenis zich afspelen, weliswaar niet in de fysieke wereld, maar in de hogere werelden, en wel in die wereld, die we in de eerste plaats als de wereld van het etherische bestempelen. En deze gebeurtenis zal evenveel fundamentele betekenis voor de ontwikkeling van de mensheid hebben, als de gebeurtenis van Palestina in het begin van onze tijdrekening. Net zo als we moeten zeggen: voor de Christus zelf had de gebeurtenis van Golgotha de betekenis, dat juist door deze gebeurtenis  een god gestorven is, een god de dood heeft overwonnen….,zo zal zich een gebeurtenis afspelen van diepgaander betekenis, dat zich  alleen niet op het fysieke plan voltrekt, maar in de etherische wereld. En daardoor, dat deze gebeurtenis zich voltrekt, daardoor wordt de mogelijkheid geschapen, dat nu juist de mensen de Christus leren zien, zullen schouwen. Wat is deze gebeurtenis? Deze gebeurtenis is niets anders, dan dat een zeker ambt in het wereld-al voor de mensheidsontwikkeling in de 20e eeuw overgaat – op een verhoogde manier overgaat, dan dat tot nu toe het geval was –op de Christus. En hier leert ons het occulte, het helderziende onderzoek, dat in ons tijdperk het belangrijke intreedt, dat de Christus de Heer van het karma van de mensheidsontwikkeling wordt. En dit is het begin voor datgene, wat we ook in de evangeliën met de woorden aangeduid vinden: ’hij zal weder komen, om te scheiden of de crisis opwekken (jongste gericht Bijbel) voor de levenden en de doden’.- Alleen dient in de zin van het occulte onderzoek deze gebeurtenis niet zo opgevat worden, als of het een eenmalige gebeurtenis zou zijn, dat zich afspeelt op het fysieke plan, maar het hangt samen met de hele toekomstige ontwikkeling van de mensheid. En terwijl het christendom en de christelijke ontwikkeling tot nu toe een soort van voorbereiding betekent, doet nu het belangrijke zijn intrede, dat de Christus de Heer van het karma (lot) wordt, dat het zijn taak wordt, in de toekomst te bestemmen, wat ons karmisch conto is, hoe ons debet en credit zich tot elkaar verhouden. (29)

In de voordrachten –Hoe werken de Engelen in de menselijke ziel (30) wordt ook ingegaan op de voorbereidingen door de engelen die de mens kan ondergaan om medewerker te kunnen worden bij het mede verwerkelijken van het lichte tijdperk. Steiner meldt dat er gewerkt wordt vanuit de spirituele wereld aan een bepaalde toekomstige geestelijke gebeurtenis. Deze kan in de 20e eeuw plaatsvinden of een eeuw later, afhankelijk van hoe de mensen deze impulsen van de engelen ontvangen, wakker of slapend. (30) Hieronder enkele citaten:

Nadat ik dit uiteen heb gezet zult u kunnen begrijpen, dat ons juist in deze bewustzijnszieletijd  een heel bepaalde gebeurtenis te wachten staat. En omdat het hier om de bewustzijnsziel gaat zal het van de mensen afhangen, hoe deze gebeurtenis zich in de mensheidsgeschiedenis zal voltrekken. Deze gebeurtenis kan een eeuw eerder of een eeuw later komen, maar in feite zou het hoe dan ook in de mensheidsontwikkeling moeten plaatsvinden. En deze gebeurtenis kan men als volgt omschrijven: de mensen moeten door middel van hun bewustzijnsziel, door hun bewuste denken zover komen, dat zij de werkzaamheid van de engelen aan de toekomst van de mensheid kunnen schouwen. De leer van de geesteswetenschap moet praktische levenswijsheid van de mensheid worden. Het inzicht in de intenties van de engelen moet tot eigen wijsheidsgoed van de mensen worden. Nu is echter de mensheid in haar ontwikkeling naar steeds grotere vrijheid al zo ver gevorderd, dat het van de mens zelf zal afhangen of hij de geschilderde gebeurtenis zal verslapen, of dat hij met vol bewustzijn er naartoe zal streven.
[………..]
Deze gebeurtenis zal dus zo plaatsvinden, dat de bewustzijnsziel van de mens er een bepaalde relatie toe krijgt. Dat zal eens in de mensheidsontwikkeling moeten plaatsvinden. Daar werken de engelen door hun beelden in het astrale lichaam van de mens naar toe. Nu wil ik u er echter opmerkzaam op maken, dat deze gebeurtenis, die in de toekomst zal plaatsvinden, nu al in de wil van de mens ligt. De mens kan veel dingen nalaten. En menigeen laat tegenwoordig veel na, wat tot een wakker beleven van het aangeduide tijdstip kan voeren.
[……]
En we moeten heel wakker zijn voor dit gevaar, anders zal er in plaats van de machtige gebeurtenis die in de toekomstige ontwikkeling van de aarde moet ingrijpen iets heel anders optreden, iets wat werkelijk een gevaar kan vormen voor de aarde-ontwikkeling. (30)

De lezer kan zelf nalezen in welke context deze gebeurtenis in deze belangrijke voordracht van Steiner is geplaatst. Steiner schetst ook de dramatische gevolgen als de mens niet wakker is voor deze gebeurtenis. Dat zal namelijk de geplande incarnatie van Ahriman aanzienlijk helpen te bespoedigen. (31)

Wat we in de tweede helft van de 20e eeuw ook konden ervaren is de toename (van berichten) van mensen met een bijna dood ervaring (BDE). Wat betreft begrip voor dat gebeuren lijkt een doorbraak bereikt met het recente boek van Pim van Lommel Eindeloos bewustzijn-.(32) Volgens de stichting Merkawah heeft 2 % van de mensen zo’n belevenis. Dat zijn alleen al enkele honderdduizend mensen in Nederland.
In de jaren 70 van de 20e eeuw kwam er al een onderzoek boven tafel van Raymond Moody die geïnspireerd door George Ritchie onderzoek verrichtte onder mensen die zo’n BDE ervaring konden beschrijven. Naast vele andere dingen zoals de door Steiner al lang beschreven panoramische terugblik (33) wordt er ook aandacht besteed aan de liefdevolle warme niet veroordelende gestalte van wijsheid en licht die opdoemt aan het einde van een tunnel. Deze kan de vraag stellen: heb je de liefde geleefd?, wat is er in je leven dat je mij zou willen laten zien?, Velen zien in deze gestalte de Christus. Volgens een ander vaker geciteerd boek zijn er nog veel meer mensen met Christuservaringen in de tweede helft van de 20e eeuw. Er wordt hier volstaan met het slechts verwijzen naar de titel en auteurs.(34) Op de website van de auteur zijn nog meer voorbeelden te vinden. (35)

Oude (esoterisch) en nieuwe inwijding (exoterisch)
In vroegere tijden vonden er inwijdingen plaats. Dat waren gebeurtenissen die zich in het diepste geheim in tempels afspeelden. De inwijdeling werd in een soort doodsslaap geleid. Een initiator en 12 helpers waren daarbij aanwezig. (36) De samenhang van de menselijke wezensdelen van de inwijdeling werd losser gemaakt. Met zijn hogere wezensdelen steeg de inwijdeling op in de geestelijke wereld, terwijl zijn lagere wezensdelen op aarde bleven. De initiator begeleidde hem in dat proces in de geestelijke wereld en de helpers moesten er o.a. voor zorgen dat het fysieke lichaam van de inwijdeling niet zou sterven.
Na terugkomst uit de geestelijke wereld werden de belevenissen die daar doorgemaakt zijn afgedrukt in het etherlichaam en ook in het fysieke lichaam, zodat deze belevenissen voor de inwijdeling herinnerd konden blijven.(36)
 De inwijding van Lazarus tot Johannes was de laatste inwijding van de oude mysteriën en tevens de eerste inwijding van de nieuwe mysteriën. Christus trad Zelf op als de grote inwijder en het gebeurde in de volle openbaarheid. (37)
Dat wat Lazarus-Johannes schouwde is inhoud geworden van de Openbaringen van Johannes zoals deze in de bijbel opgetekend staat.
Deze summiere beschrijving van de oude inwijding is hier alleen maar vermeld om nogmaals te wijzen op het hedendaagse verschijnsel bijna-dood-ervaring.(BDE). (38) Namelijk in de openbaarheid heeft een mens een ervaring dat zijn wezensdelen (ether-astraal; en ik) loskomen van het fysieke lichaam. Vaak schouwt men dan het eigen lichaam liggend op de operatietafel vanuit het perspectief van het plafond. Men weet dan ook heel goed buiten het lichaam te zijn omdat alle pijn en zorgen van het gekwetste fysieke lichaam verdwenen zijn. Heel vaak wordt ook beschreven dat de mens een panoramische terugblik krijgt op zijn hele leven. Al de herinneringen zijn gelijktijdig te zien. De tijd wordt tot ruimte.(33)
De gestalte die uit licht en liefde en wijsheid bestaat blijkt in dit geval de initiator te zijn. Mensen krijgen ook een keuze: verder gaan en dan echt overlijden of teruggaan om bepaalde onvoltooide taken af te ronden. Dat is echter hun eigen vrije keus. De mensen die terugkomen en er dus ook verslag van kunnen doen zijn daarna helemaal veranderd en ze hebben soms moeite om een nieuwe oriëntatie in hun leven gestalte te geven. Volgens de auteur is dit zo’n werkzaamheid van de Christus, die zich bezig houdt met het karma van de individuele mens. Vroeger in de verborgenheid van de mysterietempels. Heden ten dage in de moderne reanimatieafdelingen van de ziekenhuizen. Een openbare inwijdingsbelevenis.
Dat er daarnaast ook nog steeds andere inwijdingen plaatsvinden die een meer esoterisch karakter hebben is hiermee natuurlijk niet in tegenspraak.

Mogelijke culminatie.
Dan eind 20e eeuw, begin 21e eeuw zou er aldus Steiner (1924) de mogelijkheid komen tot een culminatie op geestelijk gebied, mits de mensen gedurende de gehele 20e eeuw zich zodanig ontwikkeld hadden, dat ze daar rijp voor zouden zijn. Maar dit alles moest ook allemaal op de juiste manier voorbereid worden. Steeds weer opnieuw wordt er op het gevaar van het verslapen gewezen. De bewustzijnsslaap is een der grootste vijanden van het licht dat wil doorbreken.

Tijdens een hele reeks voordrachten in 1924 (39) over het thema karma wijst Steiner erop dat vele op dat moment levende mensen een verkorte incarnatie zullen meemaken en omstreeks de millenniumwisseling weer geïncarneerd zullen zijn, maar dan met veel meer spirituele vermogens. Dat is dus nu in deze tijd rond 2012, het begin van de 21e eeuw.
En zoals al diverse keren gerefereerd, hangt dit juist samen met een verhoogde werking van Ahriman, die ook zijn incarnatie voorbereid en dit alles juist wil tegenhouden, zijn intenties dienen herkend en bestreden te worden.(31)
Hieronder spreekt Steiner wel voor een publiek uit 1924, maar eigenlijk ook direct tot ons nu begin 21e eeuw.

En tweeërlei zal er in de verdere ontwikkelingsgeschiedenis van de mensheid zijn. Men zal zich moeten inspannen om datgene wat eens door Michael aan de voorbestemde zielen in de bovenzinnelijke scholen geleerd is verder voort te zetten op aarde in zoverre het mogelijk is om in de antroposofische vereniging eerbiedige aandacht voor deze kennis te hebben en degenen dit in de incarnaties na onze opvolgers zijn (wij dus nu!) daarin te onderrichten tot het eind van de 20e eeuw aangebroken zal zijn. Dan zal menigeen van degene, die deze dingen heden voor het eerst hoort, weer naar de aarde afdalen, wat dus spoedig zal zijn. Op de aarde zal ondertussen veel verschijnen, talrijk, wat door Ahriman geschreven zal zijn. De ene opgave van de antroposofen zal zijn: getrouw de Michael-wijsheid te verzorgen, zich met goedmoedige harten te verhouden tot de Michael-wijsheid en de eerste doordringing van de menselijke intelligentie met het Michael-zwaard daarin te zien, dat nu dit geestelijke Michael-zwaard gehandhaaft wordt door de harten, waarin de Michael-wijsheid zijn intrek genomen heeft, zo, dat het Michael-beeld als een voor de individuele antroposoof enthousiastmerend beeld in een nieuwe gestalte verschijnt: Michael staand in de harten van de mensen, onder zijn voeten dat, wat ahrimanische auteurschap zal zijn. (40)

Deze tijd en deze gebeurtenis wordt beschreven als culminatie, of ook wel de Michael-profetie. (41) In het Michaeltijdperk dat duurt van 1897 tot ~2300, moeten er bepaalde spirituele doelen gehaald worden in de mensheidsontwikkeling. (42)
Er wordt al in 1909 op gewezen dat er dan ook nieuwe geestelijke openbaringen zullen komen, maar dat de mensen die deze moeten ontvangen ook eerst voorbereid moeten worden, alvorens na een verkort incarnatieproces weer op aarde te verschijnen, om het nieuwe lichte tijdperk verder te helpen ontplooien.

Welnu, de zielen, die hier op dit moment zitten (1909), die zullen weer geïncarneerd zijn in een tijdperk, waarin al lang bij de mensenzielen die zieleneigenschappen aanwezig zullen zijn, die zoëven werden geschetst. Wat betekent dat? Met zulke eigenschappen zal nog iets anders zich aandienen. Het zal gebeuren, dat de mens op de huidige incarnatie zal kunnen terugschouwen. Als een natuurlijk vermogen zal optreden met deze eigenschappen die zoeven geschetst werden – daartoe behorend -, een herinnering niet alleen aan het leven tussen dood en geboorte, maar aan het voorgaande leven, als een natuurlijk vermogen. Maar dan zal het daarom gaan, dat wij in de tegenwoordige of volgende incarnatie iets ontwikkelen, waaraan men zich kan herinneren…… Eerst moeten we iets scheppen, waaraan we ons dan zullen kunnen herinneren in de volgende incarnatie. Dan (in het volgende aardeleven) incarneert hij met dit nieuw ontwikkelde -ik- , en hij herinnert zich aan dit ontwikkelde ik. En dat is de diepere opgave van de antroposofische wereldbeweging heden: een aantal mensen door te sturen naar de volgende incarnatie met een -ik-  , waaraan ze zich herinneren als aan hun individuele ik. En dat zullen de mensen zijn, die de kern van de volgende cultuurperiode zullen vormen. (43)

In 1924 tijdens de genoemde karmavoordrachten gaat Steiner daar nog concreter op in.

..wanneer de geestelijke vernieuwing, die ook het intellectuele tot in het geestelijke opheft, zich aan het einde van de 20e eeuw voordoet. De mogelijkheid dat dit intreedt mogen de mensen van de 20e eeuw zich niet veroorloven te verkwanselen! Omdat alles tegenwoordig van de vrije wil afhangt, zo hangt, dat dit gebeurt – namelijk of de met elkaar verbonden partijen afdalen kunnen om tot een hernieuwde spiritualisatie van de cultuur in de 20e eeuw te komen -, ook daarvan af, of de antroposofische beweging het verstaat, op de juiste wijze vol overgave de antroposofie te verzorgen. (44) 
…met wie u voorbereiden zult het werk, das gebeuren moet aan het einde van deze eeuw en dat de mensheid over de grote crisis heen moet brengen, waarin deze terecht is gekomen. (45)
Meer dan enige andere strijd is deze strijd in het menselijke hart gelegd. Daar binnen ligt het verankerd sinds het laatste derde deel van de 19e eeuw. Beslissend moet datgene worden, wat mensenharten met deze Michael-aangelegenheid in de wereld in de loop van de 20e eeuw doen. En in het verloop van deze 20e eeuw, wanneer de eerste 100 jaar na het einde van het Kali Yuga zal zijn afgelopen, staat de mens of aan het graf van alle civilisatie of bij het begin van dat tijdperk, waar in de zielen van de mensen, die in hun hart intelligentie met spiritualiteit verbinden, de Michael-strijd ten gunste van de Micharl-impuls wordt uitgevochten. (46)
Dat is het, wat antroposofen eigenlijk bewegen moet: hier sta ik. De antroposofische impuls is in mij, ik herken deze als de Michael-impuls. Ik wacht, terwijl ik mij tijdens het wachten door de juiste antroposofische arbeid in het heden krachtiger maak en de korte tussentijd benut, die juist de antroposofenzielen toegewezen is in de 20e eeuw tussen dood en een nieuwe geboorte, om aan het einde van de 20e eeuw terug te komen en de beweging met een veel spirituelere kracht voort te zetten. Ik bereid me voor op dit nieuwe tijdperk van de 20e in de 21e eeuw – zo zegt een echte antroposofenziel tot zichzelf -, want veel vernietigende krachten zijn er op de aarde. Decadent zal het hele culturele leven, de hele beschaving van de aarde worden, wanneer de spiritualiteit van de Michael-impuls de mens niet aangrijpt, wanneerde mensen wederom niet in staat zijn, datgene, wat als civilisatie heden omlaag vallen wil, wederom te verheffen. (47).
Mijn lieve vrienden, de antroposoof dient in zijn bewustzijn op te nemen, moet er duidelijkheid over hebben, hoe hij opgeroepen is, nu al voor te bereiden, wat steeds meer en meer als spiritualiteit zich uitbreiden moet, tot de culminatie komen zal, waar de ware antroposofen er weer bij zullen zijn, maar verenigd met de anderen, aan het einde van de 20e eeuw. Bewustzijn moet de ware antroposoof hebben, dat het er heden om gaat, deelnemend inzicht te hebben en mee te werken aan de strijd tussen Ahriman en Michael. Alleen daardoor, dat zo’n spiritualiteit, zoals deze door de antroposofische beweging heen stromen wil, zich verenigt met andere geestelijke stromingen, zal Michael die impulsen vinden, die hem met de aards geworden intelligentie, die eigenlijk hem toebehoort, weer zullen verenigen. Het zal nu nog mijn opgave zijn, u te tonen, met welke geraffineerde middelen Ahriman dat verhinderen wil, in welke felle strijd deze 20e eeuw staat. (48)
…dat deze mensen weer zullen verschijnen met een versnelling van hun evolutie aan het einde van deze 20e eeuw …..het is een voorbereiding voor datgene, wat, aanvankelijk in grote, omvattende intensieve geestesdaden, gebeuren zal aan het einde van de eeuw, nadat veel vooraf gegaan is, wat een spiritualisering van de moderne civilisatie tegenwerkt. (57)

Het mag duidelijk zijn, dat Steiner als er boven in de citaten over antroposofen gesproken wordt een veel grotere groep mensen bedoelde dan de leden van de huidige antroposofische vereniging. Hij doelde ook op andere geestelijke stromingen. In feite allen die behoren tot de Michaelsschool. Het is een grote tragedie dat de antroposofie zoals boven beschreven niet tot een cultuurfactor heeft kunnen uitgroeien en marginaal is gebleven. (49) Duidelijk is dat er hoop is op een nieuwe fase van spirituele kracht een eeuw na het aflopen van het kali yuga. Dat de auteur verderop in dit artikel ook aandacht schenkt aan mensen als Edgar Cayce en Peter Deunov mag gezien worden als het ernstig nemen van wat Steiner boven geciteerd bedoelde met andere geestelijke stromingen.
Datgene wat boven met een mogelijke culminatie aangeduid wordt is goed te vergelijken met een pinksterbelevenis. (50). Aan een pinksterbelevenis vooraf gaat echter een periode van vertwijfeling tussen hemelvaart en Pinksteren (voor de apostelen). En de periode van de opstanding tot hemelvaart wordt gekenmerkt door het feit dat ze bovenzinnelijke leringen van de opgestane Christus ontvingen. Volgens Steiner is de inhoud van de antroposofie rechtstreeks afkomstig van deze bovenzinnelijke leringen. De mensheid echter lijkt nog last te hebben van dezelfde bewustzijnsslaap, die de apostelen vanaf Getsemane tot aan Pinksteren hadden.

Er zijn grootse perspectieven.
Een tweede Golgotha heeft plaats in de 19e eeuw aan het einde van het kali yuga als duistere tijdperk: Christus wordt voor de tweede maal gekruisigd, nu in de etherische wereld.(52) Het Christusbewustzijn wordt verdreven uit die wereld, maar ook de duistere engelen die door Michael verslagen worden. Beiden gaan naar de aardse sferen. In het ontstaan van een spirituele beweging zoals de antroposofie zijn eerste lichtstralen te herkennen. Er kan openlijk over de geest gesproken worden. Vele initiatieven worden ondernomen om de materialistische cultuur te helpen te spiritualiseren zoals af te lezen valt aan de volgende initiatieven: architectuur, BD landbouw, eurythmie, geneeskunde, vrije scholen en de belangrijkste: de Christus openbaringen etc. dit alles te zien als voorbereidingen op het lichte tijdperk. In deze periode valt ook de invallende duisternis van de 1e wereldoorlog (1914-1917-1918) en het bolsjewisme als spiegeling van de val der engelen. Daarin worden ook al de grondslagen gelegd van de daarop volgende 2e wereldoorlog, een zo mogelijk nog duistere periode. (1933-1945) Tegelijkertijd vindt in deze tijd in alle verborgenheid de tweede komst, de wederkomst van Christus in de etherwereld plaats. Er zijn hiervan slechts spaarzaam getuigenissen van mensen.(54) Door het gros van de mensheid wordt deze gebeurtenis verslapen.
Exoterisch ontmoeten in de 2e helft 20e eeuw vele mensen de lichtgestalte bij bijna-dood-ervaringen, die duiden op de werkzaamheid van Christus als Heer van karma. In de jaren zestig komt een jeugd tot ontwaken die zich verzet tegen oorlog, (23) atoomwapens etc. Deze groep verzet zich tegen oude verstarde structuren. Helaas komen velen ook in de greep van de drugs die door de tegenmachten als effectieve afleiding ingezet worden. Het lijkt er alleszins op, ondanks dat het lijkt of er een ontwaken, kan plaatsvinden dat de mensheid begin 21e eeuw in een zelfde staat van vertwijfeling verkeert als de apostelen in de 10 dagen voor Pinksteren. Een gehoopte culminatie van wakkere en spiritueel strevenden lijkt (nog) niet ingetreden te zijn. Een dramatische wending. Het is niet ondenkbaar dat een triomf van een komende incarnatie van Ahriman deze vertwijfeling bij vele mensen nog ernstig zal verhevigen. Hij zal dan immers heer van deze wereld zijn en het lichte tijdperk zal in een nog duisterder kali yuga veranderd zijn of zoals Steiner als mogelijkheid ook open liet, een weltenkamaloka.(55)
In deze tijd leven we nu.

Zo staat de mensheid dus voor de beslissing: of samen met datgene, wat door de komeet van Halley komt, omlaag gevoerd te worden in een duisternis, die nog onder het Kali Yuga ligt, of door antroposofisch begrip niet datgene over het hoofd te zien, wat als aanleg van nieuwe vermogens aanwezig is, om de weg te vinden naar het land, dat heden in overeenstemming met de oosterse literatuur verdwenen is, dat echter de Christus de mensheid weer tonen zal: naar het land Schamballa. Dat is het grote gezichtspunt staande op het kruispunt: of naar beneden of naar boven: of in iets, wat als wereld-kamaloka nog onder het Kali Yuga ligt, of in dat, wat het de mens mogelijk maakt, dat gebied te betreden, wat in waarheid bedoeld wordt met de benaming Schamballa. (55)

Het land Schamballah is een andere naam voor het nieuwe etherrijk van Christus. (55). Wat Steiner te zeggen heeft over kometen wordt t.z.t. nog in een apart artikel uitgewerkt. Dat de geesteswetenschap, de antroposofie eigenlijk ook een graalwetenschap is moge uit het onderstaande blijken. Want als zodanig heeft het ook de taak om mensen voor te bereiden op een meer spirituele toekomst.

Doordat de god Christus in de menselijke wezensdelen van Jezus geleefd heeft (vanaf de doop in de Jordaan tot aan de kruisiging op Golgotha), zijn deze wezensdelen alle in zekere zin herschapen. Deze wezensdelen zijn sindsdien verveelvoudigd en worden in de geestelijke wereld bewaard. Ze wachten erop dat de mens en mensheid rijp genoeg wordt om deze in hun eigen wezensdelen ingeweven te krijgen. Het behoeden hiervan is de taak van de broederschap van de heilige Graal. (56)

Maar nog iets anders was behouden gebleven voor nog latere tijden: ontelbare afbeeldingen van het ""ik""; van Jezus van Nazareth zijn bewaard gebleven. Zijn -ik- was weliswaar uit de drie wezensdelen verdwenen, toen de Christus daar zijn intrek nam, maar een afbeelding, een door het Christus-gebeuren nog verhoogde afbeelding is voorhanden gebleven, en deze afbeelding van het -ik- is oneindig verveelvoudigd. In deze afbeelding van het -ik- van Jezus van Nazareth hebben we iets wat tegenwoordig nog bewaard gebleven is in de geestelijke wereld. Ja, het kan gevonden worden deze afbeelding van het -ik- van Jezus van Nazareth door mensen, die zich ervoor rijp gemaakt hebben; deze afbeelding en daarmee tegelijkertijd de glans van de Christus-kracht en van de Christus-impuls, die deze in zich draagt. De uiterlijke fysieke uitdrukking voor het -ik- is het bloed. Dat is een groot geheim. Er waren echter steeds mensen, die dat wisten en die bekend waren met het feit, dat afbeeldingen van het -ik- van Jezus van Nazareth in de geestelijke wereld voorhanden waren. En er waren steeds mensen, die door de eeuwen heen, sinds de gebeurtenis van Golgotha, in het geheim er voor te zorgen hadden, dat de mensheid langzaam rijp wordt, zodat er mensen zijn, die de afbeeldingen van het -ik- van Jezus van Nazareth-Christus kunnen opnemen, zoals er ook mensen waren, die afbeeldingen van zijn etherlichaam en zijn astraallichaam hebben opgenomen. Daarvoor moest het geheim gevonden worden, hoe helemaal in stilte, in diep mysterie, dit -ik- bewaard kon worden, tot het juiste moment van de mensheids- en aardeontwikkeling. Er vormde zich met dat doel een broederschap van ingewijden, die dit geheim bewaarde: de broederschap van de Heilige Graal. Zij hoedden dit geheim. Deze broederschap was er altijd. En gezegd word, dat hun stamvader de schaal gepakt heeft, die de Christus Jezus bij het heilig avondmaal gebruikt heeft, en in deze schaal heeft hij opgevangen het bloed van de verlosser, dat vanaf het kruis uit zijn wonden stroomde. Verzameld heeft hij dat bloed, de uitdrukking van het -ik-, in deze schaal, in de Heilige Graal. Hij heeft de schaal met het bloed van de verlosser, met het geheim van de afbeelding van het -ik- van Christus Jezus bewaard in een heilig oord, binnen de broederschap, die door hun constitutie en hum inwijding de broeders van de Heilige Graal zijn. Nu is de tijd gekomen, dat deze geheimen verkondigd mogen worden, wanneer de harten van de mensen zich laten rijp maken door een spiritueel leven, zo dat ze zich verheffen kunnen tot een begrip van dit grote mysterie. Wanneer de zielen zich tot begrip van zulke geheimen laten aanvuren door de geesteswetenschap, wanneer onze zielen zich inleven tot zulk een begrip, dan worden de zielen rijp, om in aanblik van die heilige schaal het mysterie van het Christus-ik, van het eeuwige ik, tot welk ik elk mensen-ik worden kan, te leren kennen. Daar is het, dit geheim –
Slechts door de geesteswetenschap moeten de mensen zich laten roepen om dit geheim als een feit te begrijpen om het Christus-ik in aanblik van de heilige graal te ontvangen. Daartoe is het nodig om datgene wat daar gebeurd is te begrijpen als feit, het aan te nemen als feit. 
Ja, deze afbeeldingen van de Christus-Jezusindividualiteit wachten er op dat ze opgenomen worden door de daartoe voorbereidde zielen, ze wachten!
Diegenen,die het christendom geestelijk begrijpen en in zich beleven kunnen, die zullen er aan bijdragen,dat of in de huidige of in een latere incarnatie in zijn ik ingeweven wordt een afbeeld van het -ik- van de Christus Jezusindividualiteit. (56)

Nieuwe geestelijke openbaringen in het nieuwe millennium.
Ten slotte nog enkele andere uitspraken van Steiner over het nieuwe millennium. Wellicht ten overvloede moet daarbij aangetekend worden, dat bij alles wat Steiner mededeelde over de toekomst, hij ook rekening hield met de menselijke vrijheid. M.a.w. als de mensen de hun geboden kansen niet oppakken, dan kan een hele spirituele missie helemaal verloren gaan, zelfs in het tegendeel verkeerd worden.

Rudolf Steiner over de aard van profetie.
Dus zien we, ligt in feite de zin van het profeetschap niet zo zeer in datgene, wat de nieuwsgierigheid of de drang naar kennis bevredigt, maar de zin van het profeetschap ligt in de impulsen, die het ons voor een werken naar de toekomst toe kan geven. En alleen omdat in onze tijd de kennis, het verstandelijke kennen, dat niet de impuls van de wil ontsteekt, overschat wordt, komt het, dat men over het profeetschap geen objectief oordeel wil winnen. Maar de geesteswetenschap zal het zover brengen, dat men weten zal:  ja, er waren veel schaduwzijden aan het oude en in het nieuwe profeetschap, maar er rust in dit profeetschap – in het streven, in het bewustzijn, om een te verkrijgen indicatie van de loop van de toekomst– een belangrijke kernwaarde, die niet voor de kennis of voor de nieuwsgierigheid gevormd is, maar die belangrijk is als vuur voor onze wil. En ook de mensen, die alles wat er in de mensen gebeurt, slechts op die wijze willen beoordelen, of men het nuchter, met het verstand begrijpen kan, moeten vanuit het verloop van een dergelijk inzicht weten, hoe de profetie uit een wetenschap voortkomt, die de aanvuring van de wilsontwikkeling tot doel heeft. (GA 61, 9-11-1911)
en ook:
De geestesonderzoeker bevindt zich nu tegenover de mededelingen over de toekomst in een geheel andere situatie, dan tegenover die over het verleden. De mens kan aanvankelijk niet zo onbevangen staan tegenover toekomstige gebeurtenissen, als hem dat mogelijk is ten aanzien van het verleden. Wat in de toekomst geschiedt, activeert het menselijke voelen en willen; het verleden wordt op een heel andere wijze verwerkt. Wie het leven observeert, weet, hoezeer dit reeds voor het gewone bestaan geldt. In welke ontzaglijk hoge mate dit echter toeneemt, welke vormen het aanneemt wat betreft de verborgen feiten van het leven, kan alleen hij weten, die bepaalde dingen van de bovenzinnelijke werelden kent. En daarmee is de reden aangeduid, waarom de kennis van deze dingen aan heel bepaalde grenzen is gebonden. (wetenschap van de geheimen der ziel, GA 13, hVI)
Het is niet noodzakelijk, dat dit, wat de antroposofie nu als profetie verkondigt, ook geloofd en gerespecteerd wordt. En wanneer het dan niet uit komt, wat daar voorspeld werd, dan zou men zeggen: zie je nou, dat was fantasie – maar dit begrijpen alleen de mensen niet, de ontwikkeling is dan zo gegaan, zoals ze niet had moeten gaan. Verdorren en verstarren zou dan de mensheid. (59)

De volgende citaten met profetische toekomstblikken moeten dus ook in het licht van het voorgaande gezien worden. Sommige hebben betrekking op de nabije toekomst en sommige op de komende 6e cultuurperiode.

Er is dus in de ontwikkeling van de mensheid een tijdperk op komst waarin met de helderheid van gedachten visioenen zullen opduiken over de oertijden van de aarde en over de oorsprong van de mens en alles wat daarmee samenhangt. (58)
en
 Want het schouwen dat binnenkort voor de deur staat, is dat wat hij met het beeld aanduidt van de vrouw, bekleed met de zon, de draak onder haar voeten, die een jongeling baart (Openbaring 12:1). Doordat wat zich in dit beeld openbaart zullen inderdaad veel mensen nog in de loop van deze eeuw ziende worden. (10)
Dat, wat er kosmisch gebeurde in het Atlantische tijdperk, dat had zijn mythologische tegenhanger in het Grieks-Latijnse tijdperk. Het vroegere beeld van Isis met het Horuskind, dat dan het beeld van de jonkvrouw met de Jezusknaap werd, dat kan door de mensheid in een terugschouw als visioen beleefd worden in het volgende tijdperk, dat ons onmiddellijk te wachten staat. De mens zal in dit beeld, de vrouw met de zon bekleed zien, die de draak onder haar voeten heeft, die door Michael op de aarde geworpen werd, zo dat hij niet meer in de hemel te vinden is. Dit beeld, dat zich dan zal veranderen, zal verschijnen in het tijdperk, waar de draak losgelaten zal zijn en waar datgene begint, wat ik u gisteren (60) beschreven heb. Het is inderdaad zo, dat de mensheid een verdiept schouwen van het aardeverleden, van de oorsprong van de mens en tegelijkertijd een etherisch schouwen van het Christuswezen te wachten staat, want in het Michaeltijdperk zal datgene gebeuren, waarop de schrijver van de Openbaring duidt, wanneer hij ervan spreekt, dat Michael het drakengedierte neergeworpen heeft op de aarde, waar het in de mensennatuur werkt. Maar Michael zal zich opnieuw bekommeren om datgene in de mensennatuur, wat hij daar als dat drakendiegedierte (Duits: Drachengetier) neergeworpen heeft. (10)

Bovenstaande wat al spoedig in de mensheid zou kunnen gaan optreden brengt Steiner o.a. in verband met een warmte in de lucht die dit schouwen zou bevorderen. Wat hij met deze warmte bedoelt wordt misschien duidelijk in onderstaande. Daar heeft hij het over het geestelijk vuur dat Saulus-Paulus schouwde als oerbeeld van datgene wat mensen in onze tijd ook kunnen gaan beleven.

En nadat de Christus-impuls het geestelijk oog gewekt had, toen werkte dit vuur ook geestelijk, spiritueel in op onze wereld. Wanneer werd dit vuur weer waargenomen? Het werd waargenomen, toen het verlichte, helderziend geworden oog van Saulus op de weg naar Damaskus het hemelse vuur zag stralen en diegene herkende, die het Mysterie van Golgotha volbracht had. Zo hebben beide de Christus geschouwd: Mozes in het materiële vuur – in het brandende braambos en in het bliksemvuur op de Sinaï -, en dit kan zich bij hem slechts aankondigen in zijn innerlijk, dat de Christus tot hem spreekt; aan  het verlichte oog van Paulus echter toont zich de Christus vanuit het spirituele, het vergeestelijkte vuur. Hoe materie en geest tegenover elkaar staan in het wereldworden, zo staan ook tegenover elkaar in de wereldgang het wonderbare, materiële vuur van het braambos (Duits Dornbusch) van de Sinaï, en de wonderbare verschijning: het vuur uit de wolken, dat de tot Paulus geworden Saulus omstraalt. (61)
Dan echter, wanneer de mensen steeds meer voorbereid zullen zijn om het Christus-ik te ontvangen, dan zal dat Christus-ik zich steeds meer in de zielen van de mensen uitgieten. Ze zullen zich dan opwerken tot daar waar hun grote voorbeeld, de Christus Jezus stond. De mensen zullen eerst daardoor begrijpen in hoeverre Christus Jezus het grote mensenvoorbeeld is. En wanneer de mensheid dat begrepen zal hebben, zullen ze beginnen om in hun diepste innerlijk te vermoeden, dat de zekerheid, de waarheid van de eeuwigheid van het leven van het dode lijk aan het hout van het kruis van Golgotha uitgaat. Diegenen die door het Christus-ik geïnspireerd en doordrongen zijn, de christenen van de toekomst, zullen nog andere dingen begrijpen. Ze zullen begrijpen, wat alleen de verlichten tot nu toe begrepen hebben. Niet alleen de Christus zullen zij begrijpen, die door de dood gegaan is, maar ze zullen begrijpen de triomferende, in het spirituele vuur opgestane Christus van de Apocalypse, die voorspeld is. En het paasfeest kan ons altijd een symbool zijn voor de opgestane, een band die gevlochten wordt van de Christus aan het kruis naar de triomferende Christus de verrezen en verhoogde Christus, tot degene, die alle mensen met zich meeneemt naar de rechterzijde des Vaders. Zo wijst het paassymbool perspectivisch naar de hele aardetoekomst, naar de toekomst van de mensheidsontwikkeling, en zo is het voor ons een onderpand, dat de door Christus geïnspireerde mensen eens steeds meer uit Saulus-mensen tot Paulus-mensen worden en steeds meer een spiritueel vuur zullen schouwen. Waarlijk, zoals aan Mozes en degenen, die zich tot hem hebben bekent, in het zintuiglijke (Duits:Sinnlichen) vuur van de braamstruik en de bliksem op de Sinaï de Christus vooruit verkondigd verschenen is, zo zal de Christus ons verschijnen in een vergeestelijkt vuur van de toekomst.  Hij is bij ons alle dagen, tot aan het einde der wereld, en hij zal verschijnen in het spirituele vuur aan diegenen, die hun blik hebben laten verlichten door de gebeurtenis van Golgotha. Die mensen zullen hem schouwen in het geestelijk vuur. Eerst hebben zij hem in een andere gestalte geschouwd: dan zullen ze schouwen de ware gestalte van Christus in een spiritueel vuur. (56).

Meermaals wordt dus door Steiner erop gewezen dat er een moment in de toekomst komt waarbij mensen een andere bewustzijnstoestand zullen ontwikkelen, waarbij een belangrijke rol voor het herinneringsvermogen weggelegd is omdat dit zeer uitgebreid zou worden. Ze kunnen zich dan vorige incarnaties herinneren en daarmee zal ook het bestaan van een spirituele wereld een extra dimensie krijgen. Geestelijk vuur speelt daarbij een grote rol. Als deze bewustzijnsverruiming beperkt blijft tot slechts enkele mensen of dat dit als potentie heeft dat dit grotere groepen mensen ten deel kan vallen is een vraag die in het kader van de verwachtingen van het 2012 tijdstraject gesteld kan worden. Veel New Age mensen schijnen op dit gebied geen twijfel te kennen.

De eerder genoemde Jesaiah Ben Aharon als schrijver van het boek over het kennisdrama van de wederkomst die hierin noot (62) geheel geciteerd is zegt het volgende:

Een meer nauwkeurige blik laat zien, das de Michael-krachten tegenwoordig (2011) aan 2 grote plannen werken, een dat zich afspeelt in het onmiddellijke heden en de nabije toekomst, en een tweede, dat de centrale gebeurtenis van de 21e eeuw voorbereidt.
En
En het zal vanuit dit gezichtspunt van groot belang zijn, dat heel bepaalde resultaten worden bereikt voor de jaren 2015/2017. De opgave bestaat eruit, nieuwe kenkrachten en werktuigen te scheppen, om de machtige scheppende krachten van de komende geest-gebeurtenis op passende wijze te kunnen grijpen, aan te passen aan het heden en in het sociale leven op de juiste manier toe te passen.
En
En wat wil onze tijdgeest – die de geesteswetenschap ook onder de naam Michael kent – ons vanuit een objectieve bovenzinnelijk gezichtspunt over onze tijd zeggen, over zijn tijd? Als we heden naar zijn boodschap luisteren, horen we het volgende, en we beleven, hoe het gelijktijdig wijst op twee elkaar aanvullende richtingen. Michael wijst krachtig op de komende, nieuwe, centrale Christusimpuls en op de gebeurtenis van de 21e eeuw, dat zich, nog onzichtbaar, al sinds enkele jaren begint te roeren en dat in de komende decennia steeds actiever en actueler zal worden. Men kan tegenwoordig de etherische wereld niet betreden, zonder op de meest krachtige en intieme wijze op deze gebeurtenis , die machtige stromingen en golven in de etherische wereld van oost naar west, van het zuiden naar het noorden en omgekeerd laat stromen en cirkelen en daarbij de machtigste en creatiefste wezens en krachten tot een grandioos, kosmisch tapijt weeft. Iets oneindig versterkends en kracht gevende ligt in dit visioen en laat ons voelen, dat we gesteund en gedragen worden door de creatieve krachten, die onophoudelijk de evolutie van de mensheid en de aarde van voeding en levenskracht voorzien. De nauwkeurigere waarneming toont, dat de Michaelkrachten aan 2 grote plannen werken: een, dat zich in het onmiddellijke heden en in de nabije toekomst afspeelt, en een tweede, dat de centrale  gebeurtenis van de 21e eeuw voorbereidt. Als eerste zien we, hoe ze zich uit de hele kosmos verzamelen en hoeveelheden creatieve zaden voor de inspiratie op de aarde neer laten regenen, die de mensen tegenwoordig en in de nabije toekomst ten goede zullen komen. Deze zaden zouden het potentiaal hebben alle gebieden en aspecten van ons leven te genezen en om te vormen, als we ze bewust ontvangen en in ons sociale leven willen integreren. Ten tweede worden wij een immense operatie gewaar – men kan deze alleen als een algemene mobilisatie aanduiden, die de bodem voor een geplande tweede incarnatie van het centrale commando en de strijdgroepen van de Michaelstroming op een later tijdpunt van onze eeuw voorbereidt. (excuses voor de militaristische metaforen) Ze schept een volledig nieuwe stroming van de geesteswetenschap op de aarde, zowel naar vorm als inhoud. Het mogelijk worden van deze tweede incarnatie hangt volledig af van onze huidige en toekomstige arbeid op de aarde, dat wil zeggen; van de vrije, individuele activiteit en creativiteit van ieder van ons. Mensen, die ernstig streven om, geesteswetenschap in de zin van vrijheid en creativiteit te onderhouden, moeten zich nu en in de komende jaren en decennia daarop voorbereiden.

Als men dit bovenstaande in de gehele context leest (62), zal het ook duidelijk worden, dat (volgens Aharon) hoewel er vanuit de geestelijke wereld volop voorbereidingen gaande zijn (ook door de engelen) in de ethersfeer om de wereld te spiritualiseren er toch niets bereikt kan worden indien de mensen hun vrije wil niet inzetten om dit proces mede vorm te geven. De eerder genoemde tegenstrevers zullen hun uiterste best doen om zo mogelijk alles in zijn tegendeel te doen verkeren. Binnen antroposofische kringen wordt de persoon van Jesaiah Ben Aharon niet altijd serieus genomen. Maar de visie die hij heeft sluit zeer zeker aan bij een wijdverbreid gevoel dat we in een tijd leven die apocalyptisch genoemd kan worden. En daarover handelt dit artikel over de weeën.

Profetische voorspellingen door anderen.
Zoals eerder al aangetipt, in New Age kringen, maar ook daarbuiten circuleren er een aantal voorspellingen en profetieën van helderzienden o.a. die ook ontnomen zijn aan heilige boeken. De ruimte in dit artikel ontbreekt helaas om daar uitvoeriger op in te gaan, dat blijft dan voorbehouden aan toekomstige artikelen.
Maar even kort genoemd wil toch het volgende worden aangehaald. Naast Edgar Cayce (63), de man die o.a. bekend werd met zijn voorspellingen betreffende een toekomstige verschuiving van de aardas is de mysticus Peter Deunov, deze is ook heel present op het internet aanwezig met zijn voorspelling; the new epoch. De auteur heeft wat onderzoek en navraag gedaan bij de beweging van de witte broederschap waar deze man (ook Beinsa Douno genaamd) als initiator bij betrokken was. Er existeren namelijk heel veel verschillende versies van deze profetische voorspelling. (zoekmachine met woorden Deunov prophecy Ongeveer 12.900 resultaten). Het blijkt dat de originele versie nauwelijks meer te achterhalen is en dat er in heel veel latere versies allerlei toevoegingen gedaan zijn, die het New Age gedachtegoed versterken. DE oorspronkelijke versie had namelijk het latere New Age gehalte nog niet. Auteur heeft een vroege Engelse versie uit 2000 en een late versie zoals deze ook op de website van wordenwijwakker (in een Nederlandse vertaling) staat op zijn eigen website gezet, daar kunt u e.e.a. nalezen. (64) De visie van Deunov heeft veel raakvlakken met die van Rudolf Steiner.
De beschrijving van zowel Steiner en Deunov betreffende het komende zesde tijdperk (Philadelphia) lijken daarin te verschillen, dat deze cultuur van de liefde waar het geestzelf ontwikkeld wordt bij Steiner in een verdere toekomst gezien wordt. Deunov ziet deze al veel eerder komen. Maar dit kan dus voornamelijk zo lijken omdat de originele tekst aangevuld is met andere inzichten, die betrekking hebben op een verdere toekomst. Vooral Deunovs uitspraken over spiritueel vuur verdienen aandacht, daar deze lijken aan te sluiten bij uitspraken van Steiner en zeker te denken geven. De ruimte ontbreekt verder maar kort zal onder nog iets samengevat worden. Volgens Steiner is de aanvang van het Watermantijdperk pas in het jaar 4400, maar de voorbereidingen liggen wel vroeger. New Age kringen spreken veelal over het heden als ze het over het Watermantijdperk hebben.(53)

In 1944, dus terwijl er in de geestelijke wereld ook heel veel gaande is heeft Deunov een toekomstvisioen. Daarin spreekt hij ook over het einde van het kali yuga, het beëindigen van de 13e sfeer en het aanbreken van een nieuw licht tijdperk. Binnen enkele tientallen jaren zou er een golf van louterend vuur over de mensheid komen. Voor die tijd de rampen, die de profeet Daniel voorspelt. Iets bijzonders zou zich onder de aarde voorbereiden. Continenten zouden oprijzen uit zee. (64). Leest u het complete artikel zelf maar na.

Afsluitend.
Heel veel (wat in het eerste artikel min of meer wel aangekondigd was) past helaas niet meer in dit tweede artikel. (65) De verwachting van de schrijver is, dat de aandacht voor de Maya’s en het jaartal 2012 zodra de magische datum van 21 december achter de rug is en de door velen voorspelde rampen niet plaatsgevonden hebben sterk zal teruglopen, immers het heeft ook hype-karakter. Desalniettemin is het thema juist actueler dan ooit en in komende uitgaven van Apokalyps Nu! en op de website van de auteur zal dit thema geregeld vervolgd blijven worden. Het lichte tijdperk zal zich ondanks tegenmachten steeds sterker gaan manifesteren.

Verwijzingen en noten.

Als er onderstaand naar een boek van Rudolf Steiner verwezen wordt, gebeurt dat aldus:
GA177 14-10-1917, wat dan betekent: in de Gesamt Ausgabe van de Rudolf Steiner Verlag Dornach Schweiz, is dit nummer 177 en daaruit de voordracht van 14 oktober 1917.
Eventuele Nederlandse vertalingen zijn hier te vinden:

alle schuin geplaatste tekst in dit artikel is citaat, als in een citaat vette tekst of onderstreepte tekst staat, dan is dat door de auteur gedaan.

Oudere artikelen uit Apokalypse Nu!, van deze auteur waarnaar verwezen wordt, zijn ook op de volgende website (blog) te vinden: http://antropocalypse.blogspot.nl/

01 Apokalyps Nu!, herfst 2012, de Maya’s en het jaartal 2012 (21 december) deel 1
02.Rudolf Steiner wijkt van de hindoe-telling af w.b. de einddatum van het kali yuga.
03.Als voorbereiding op de manifestatie van nieuwe etherkrachten op aarde spreekt Steiner ook over een hele nieuwe groep elementaargeesten, die als medebouwers aan deze sfeer, die ook Shamballah genoemd wordt ingezet worden door de geestelijke wereld.
GA 226 21-5-1023
GA 265 24-9-1912
GA 130., 19-9-1911
GA 209, 12-12-1921
GA 226, 21-5-1923
04. Apokalyps Nu!, oktober 2010, Christus en de tegenstrevende machten.
05. 2e Mysterie van Golgotha, GA 152, 2-5-1913 en GA 265 8-2-1913.
06. boeken Robert Powell: Christ and the Maya Calendar: 2012 and the Coming of the Antichrist en Das größte Geheimnis: Gedanken zur Wiederkunft des Christus
07. In 1909 gaf Steiner het jaar 1933 aan als een belangrijk jaar betreffende de nieuwe Christusopenbaring, in 1924 GA346, 20-9-1924 benadrukte hij nogmaals de dramatische gebeurtenis die in dat jaar zou plaatsvinden, diverse mensen waaronder Jesaiah Ben Aharon hebben bevestigd dat er in 1933 daadwerkelijk iets gebeurd is.
08. Harmonische convergentie in 1987 een cruciaal jaar voor de Maya’s
09. GA 346, 17-9-1924
10. GA 346 16-9-24
11. GA 118, 6-3-1910
12. GA 118, 15-3-1910
13. GA 316, 30-11-1911
14. GA133 20-5-1912 http://fvn-archiv.net/PDF/GA/GA133/GA133-125.html een amerikaan die me inspireerde om dit eens uit te zoeken schrift er hier over http://www.tcpubs.com/brunnen/articles/logos.pdf
15. Jesaiah Ben Aharon  –De nieuwe ervaring van het bovenzinnelijke- met subtitel –het antroposofische kennisdrama van de Wederkomst- In zijn nieuwste boek -The Event in Science, History, Philosphy and Art- wordt dit samengevat in een woord –the Event- (de gebeurtenis). Beide boeken zijn in het Nederlands vertaald en wie een print-on-demand versie zou willen aanschaffen kan contact opnemen met de auteur.
16. Adams diepe slaap Genesis2:21-22
17. Steiner over de datum van de kruisiging op 3 april 33  uit helderziend onderzoek: GA130, 9 en 27-1-1912 en GA 143,7-5-1912. paascalculator bevestigt deze datum http://almanac.oremus.org/easter/
18. GA118 , 18-4-1910 
19. GA 116 , 2-2-1910
20. GA 130, 29-1-1911 aardas in jaar 1250, GA 015, 7-6-1911 en
GA 266a, 9. Oktober 1907,
21.GA 130,  27-9-1911
22. bijv. Christian Rosenkreutz – sich kreuzende Lebenswege- van Hella Krause-Zimmer.
23. GA 346 over bijv. het jaar 1933 20-9-1924   en over het jaar 1998 12-9-1924.
24. Apokalyps Nu!, oktober 2012\0 Christus en de tegenstrevende machten- over 1841-1879-1917.
25. Website Junko Althaus
http://philosophie-der-freiheit.blogspot.nl/2011/06/die-geschichtliche-betrachtung-teil-2.html en http://philosophie-der-freiheit.blogspot.nl/2012/02/die-e.html wat hier beschreven is, is volgens Junko eigen ervaring en niet afgeleid van passages uit  het boek van Aharon zoals genoemd in noot 27. (vlgs. Navraag door de auteur).
26. GA 185 26-10-1918
27. De spirituele gebeurtenis van de 20e eeuw, een imaginatie: de occulte dimensie van de jaren 1933-1945.
28. GA 130. 2-12-1911 Christus en jongste gericht
29. GA 131, 7-10-1911, Von Jesus zu Christus
30. Hoe werken de Engelen in de menselijke ziel (astrale lichaam), zie Apokalyps Nu! Herfst 2011 en GA 182, 9-10-1918, het gehele artikel is daar te lezen.
31. zie ook –de triomf van Ahrimans incarnatie deel 1-2-3 in Apokalyps Nu! 
Zomer 2011, februari 2012, zomer 2012. Alsook noot 04.
32. Pim van Lommel –Eindeloos bewustzijn (38)
33. panoramische terugblik Het herinneringstableau
In het etherlichaam worden ook alle gedachten en belevenissen van het ganse leven bewaard. Na de dood scheidt het etherlichaam zich af van het fysiek lichaam, en verschijnen al de gedachten en belevenissen die in het etherlichaam zitten, nu gelijktijdig als een levendige herinnering in één groot levenstableau voor de menselijke ziel. Het etherlichaam is dan nog verbonden met het astraal lichaam en het Ik, maar ook die samenhang wordt geleidelijk aan verbroken (dat duurt ongeveer drie à vier dagen), doordat ons etherlichaam niet oplost, zoals sommigen geneigd zijn te denken, maar zich invoegt in de algemene ethersubstantie. Maar ook dan turen wij in de ethersfeer voortdurend naar datgene wat ooit deel uitmaakte van ons leven, en dat gedurende de ganse tijd van ons leven tussen de dood en een nieuwe geboorte
34. G.Hillerdal en B.Gustafsson, Christuservaringen heden, authentieke getuigenissen van tijdgenoten- Perun Boeken.
35. http://antropocalypse.blogspot.nl/ website van de auteur, waarop ook oudere artikelen staan, die eerder  in Apokalyps Nu! gepubliceerd zijn, daarnaast staan er nog een hele serie andere artikelen die wel verwantschap met deze thema’s hebben.
36. GA 112, 29-6-1909
37.GA 57.14-11-1908
38. Pim van Lommel –Eindeloos bewustzijn, Raymond Moody, Leven na dit leven, George Ritchie, Terugkeer uit de dood. (32)
39. GA 235 t/m GA 240
40. GA 240, Arnheim, 20-7-1924
41. Michael profetie, zie van H.P.van Manen, Christussucher und Michaeldiener en Prokofieff, Rudolf Steiner und die Grundlegung der neuen Mysterien.
42.Michael tijdperk 1879-2300
43. .GA 117, 4-12-1909
44. GA 240 18-7-1924
45. GA 238 28-9-1924
46. GA 240 19-7-1924
47. GA 240 27-8-1924
48. GA 237 28-7-1924
49. dat kan althans gezegd worden als je strikt het einde van de 20e eeuw beziet, het begin van de 21e eeuw daarentegen bezit nog potentie
50. zie noot 41
51.GA 211, 13-4-1922
52. Apokalyps Nu!, oktober 2010, Christus en de tegenstrevende machten
53. GA 93a 3-10-1905,
54. pas in de jaren 90 van de twintigste eeuw werd er wat meer bekend van deze spaarzame getuigen, zie bijvoorbeeld: http://antropocalypse.blogspot.nl/2012/09/gedichten.html
55. GA 116, 9-3-1910
56. GA 109 7-3-1909 en GA 109 11-4-1909
57. GA346, 12-09-1924
58. GA 346 16-9-24
59. GA118, 6-2-1910
60. GA 346 15-9-1924
61. GA 109 16-5-1909
hier is Aharon nog wat pessimistischer (1997) over de kansen om het kali yuga en weltenkamaloka te kunnen overleven als mensheid
63. Edgar Cayce zie ook noot 01, een voorspelling van hem:
Het jaar van de slag van Armageddon zal plaatsvinden in de geestelijke wereld.
Cayce voorspelde dat de zogenaamde "Slag van Armageddon" symbolisch beschreven in de Bijbel zou beginnen in 1999. Cayce voorzag dat deze "strijd" niet zal worden uitgevochten als een oorlog op aarde. Integendeel, het zal een geestelijke strijd zijn tussen de 'hogere krachten van het licht "en" lagere krachten van de duisternis "gedurende de periode van 1000 jaar van de Aardse tijd. De reden voor deze strijd is om te voorkomen dat zielen van de lagere geestelijke gebieden op aarde kunnen incarneren. Door te voorkomen, dat zielen uit de lagere geestelijke regionen kunnen incarneren op aarde, zal alleen verlichte zielen toegestaan worden om te reïncarneren. Het resultaat zal zijn dat er 1000 jaar gebouwd kan worden aan een wereld van vrede en verlichting. Na 1000 jaar, zullen zielen uit de lagere geestgebieden weer worden toegestaan om op aarde te reïncarneren. Tegen die tijd, zal het zogenaamde- koninkrijk der hemelen- zich gevestigd hebben

Deze beschrijving lijkt op die van Steiner waar deze het heeft over de periode 1841-1879. Alleen vallen juist door toedoen van Michael de lagere geesten op aarde. Het motief dat 100 jaar later bepaalde zielen uit lagere geestelijke gebieden langere tijden juist niet mogen incarneren is een visie die het bestuderen waard is.

http://near-death.com/experiences/cayce11.html op dezelfde site ook voorspellingen van Cayce over de wederkomst van Christus, hij  noemt hier het jaar 1998.

64. diverse versies –New Epoch- van Peter Deunov. http://antropocalypsearchief.blogspot.nl/2000/02/the-new-epoch-version-year-2000.html oudst bekende en hieronder een nieuwere versie in nederlands vertaald:
Waarom wordt Peter Deunov hier aangehaald? Omdat het interessant kan zijn om zijn uitspraken te vergelijken met die van Rudolf Steiner, vooral wat betreft de komende 6e cultuurperioden over spiritueel vuur. Onderstaand enkele artikelen die daar aandacht aan schenken.
Het thema geestelijk vuur is ook terug te vinden bij Jacob Lorber.  -In zijn boek: de nieuwe Openbaring wordt bijv. voorspeld, dat bijna tweeduizend jaar na Christus een geestelijke opwekking van de mensen zal plaatsvinden, die zich gelijk een vuurzuil van het ene einde van de wereld naar het andere verplaatst en die vele miljoenen zal treffen.( Gr.I 72,3)
65.Wegens plaatsgebrek in dit artikel is besloten om de tekst van Dagmar niet hier toe te voegen, maar om deze bereikbaar te maken via een link naar onderstaande website.
http://antropocalypse.blogspot.nl/2012/12/bericht-uit-het-leven-na-de-dood-dagmar.html
met hartelijke dank aan Anneke voor de correcties en de hulp bij het vertalen.


terug naar inhoudsopgave